Nieuws/Binnenland
1413112677
Binnenland

Opstelling potentiële regeringspartners met argusogen bekeken

Notulendebat biedt doorkijkje naar formatie

Mark Rutte (VVD) verlaat de plenaire zaal in de Tweede Kamer.

Mark Rutte (VVD) verlaat de plenaire zaal in de Tweede Kamer.

Den Haag - De zoektocht naar nederigheid en veranderingslust bij demissionair premier Rutte heeft potentiële regeringspartners wisselend succes opgeleverd. De minister-president zegt ’niet trots’ te zijn over het gemopper van zijn kabinet op kritische Kamerleden. Maar hij wil niet al het stof happen dat de oppositie hem toeblaast.

Mark Rutte (VVD) verlaat de plenaire zaal in de Tweede Kamer.

Mark Rutte (VVD) verlaat de plenaire zaal in de Tweede Kamer.

Veel Binnenhof-bewoners bekijken het debat van donderdag over de toeslagen-notulen van de ministerraad als een doorkijkje richting de formatie, die al weken in het slop zit. Ze hebben daarbij vooral GL en PvdA in het vizier, de partijen die na ’verkennersgate’ de deur voor regeringsdeelname nog niet helemaal hebben dichtgetrokken. Hoe zij zich opstellen in het debat, wordt met interesse bekeken.

Bestuurscultuur

De vraag is daarbij in hoeverre Rutte invulling kan geven aan de breed gevoelde wens voor een nieuwe bestuurscultuur, en hoe ’tegenmacht’ daarin werkt. Want de notulen laten in dat opzicht geen fraai beeld zien, met bewindslieden die wat af mopperen over kritische Kamerleden.

Het levert het kabinet, al afgetreden om de toeslagenaffaire, toch nog een motie van wantrouwen op van Denk-leider Azarkan. ’Een stelletje machtpatsers’, noemt hij het kabinet. PVV-leider Wilders spreekt zelfs van ’een politieke maffiabende’. „Waar haalt hij het lef vandaan om Kamerleden de mond te snoeren”, foetert Marijnissen (SP) over Rutte.

Maar ook de coalitiefracties tikken het kabinet op de vingers. „Lelijk, ongepast en het hoort niet”, vindt VVD-fractieleider Hermans van het gemopper. „Schokkend en verontrustend”, stelt CDA-Kamerlid Kuik. „Onnodig, onwenselijk en ongepast”, doet ook D66’er Jetten een duit in het zakje. „Dat zeg ik ook tegen de bewindspersonen van mijn eigen partij.” Maar een motie van wantrouwen gaat een meerderheid van de Kamer te ver, het kabinet is al demissionair. „Wat we lezen onderstreept de juistheid van het aftreden van dit kabinet in januari”, vindt CU-leider Segers dan ook.

Na al die kritiek wil Rutte best toegeven dat het kabinet te ver is gegaan. „Ik ben ook niet trots als ik het teruglees”, zegt Rutte over de notulen. „Ik had frustratie”, geeft D66-minister Koolmees toe. Maar beiden maken ze de kanttekening dat ze nooit Kamerleden de mond wilden snoeren.

"’Soms is het ook even stoom afblazen’"

Maar tegelijkertijd zegt hij: „Het is niet te vermijden dat het soms over Kamerleden gaat.” Daarbij is het ’soms ook even stoom afblazen’. Rutte doet wel wat opzetjes richting een nieuwe bestuursstijl voor een volgend kabinet, bijvoorbeeld door minder af te tikken in het coalitie-overleg. „Het overleg tussen kabinet en Kamer is te veel toegenomen”, geeft Rutte toe.

Op een ander punt houdt de premier zijn poot stijf. Hij blijft erbij dat het kabinet niet de Grondwet heeft overtreden als het gaat over het informeren van de Kamer. Rutte herhaalt dat er ’niks vreemds en onoorbaars’ is gebeurd.

Gehakketak

Het lonken naar potentiële regeringspartijen gaat ondanks de voorzichtige opzetjes zo toch moeizaam. Zo is er gehakketak tussen D66 en PvdA, als Jetten PvdA-leider Ploumen erop wijst dat zij als minister in het vorige kabinet-Rutte zat. Was er toen ook niet al de politieke cultuur die Ploumen nu staat te verfoeien. „Ik ga me niet laten aanpraten dat die de afgelopen jaren pas is ontstaan.”

En de zoektocht van GL-leider Klaver – maar ook van CU’er Segers – naar wat meer toeschietelijkheid van de premier gaat ook met horten en stoten. Rutte geeft richting Klaver bijvoorbeeld gretig toe dat het in de ministerraad vaker over de mensen moet gaan die slachtoffer worden van overheidsbeleid: „Dat raakt me, daar ben ik het mee eens en dat gaan we doen.”

GL en PvdA doen ook vast een opzetje voor de nieuwe bestuurscultuur die zij graag in een nieuw kabinet zien, met meer ruimte voor uitvoering, tegenmacht en vertrouwen in burgers.

Maar na het vastpakken van Klavers uitgestoken hand, volgt ook weer een tik op zijn vingers van Rutte. Klaver verlangt van hem dat hij mopperende ministers gaat aanspreken, dat ziet Rutte niet zitten. De herhaaldelijke vragen van Klaver lijken Rutte te irriteren. „Dit gaat te ver”, mompelt hij, binnen het gehoor van de microfoon. Ruim zes crisisweken na de verkiezingen is de irritatie niet zomaar weg gemasseerd.