Nieuws/Binnenland
1505304062
Binnenland

’Geschiedenis nog tastbaarder en pijnlijker’

Meer zicht op leven van Anne en Margot Frank in de kampen

AMSTERDAM - Aan de hand van diepgravend onderzoek en getuigenissen is een reconstructie gemaakt van Anne Frank en haar medeonderduikers toen ze na hun arrestatie in 1944 in de kampen terechtkwamen. Het boek Na het Achterhuis, dat dinsdag verschijnt, levert diverse nieuwe inzichten op, meldt de Anne Frank Stichting.

Auteur Bas von Benda-Beckmann, historicus en werkzaam bij de Anne Frank Stichting, wil met het boek zo dicht mogelijk bij de kampervaringen komen van de acht onderduikers uit het Achterhuis. Hij zocht uit wat er gebeurde met Otto en Edith Frank en hun dochters Margot en Anne, Hermann en Auguste van Pels en hun zoon Peter en Fritz Pfeffer nadat ze werden opgepakt in Amsterdam.

Zo is er meer duidelijk geworden over de omstandigheden waarin ze verkeerden, met wie ze een barak deelden en welke werkzaamheden ze moesten doen in de kampen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Eerder werd al bekend dat Anne en haar zus Margot vermoedelijk eerder zijn gestorven dan lang werd gedacht. „Zo weten we dat Anne en Margot vermoedelijk al begin februari zijn overleden en niet pas eind maart 1945, zoals lang is aangenomen”, aldus de schrijver.

De twee zussen stierven in het Duitse kamp Bergen-Belsen, na eerder beland te zijn in Auschwitz. Daar werden ze gescheiden van hun ouders. Anne werd 15 jaar, Margot Frank 19 jaar.

Tastbaar

Von Benda-Beckmann deed sinds 2014 onderzoek voor het boek. „Deze onderzoeken leveren verschillende nieuwe inzichten op”, zegt hij. „Het nauwgezet volgen van de omstandigheden waarin de onderduikers in de kampen verbleven en hoe zij aan hun eind zijn gekomen, maakt hun geschiedenis nog tastbaarder en nog pijnlijker.”

Anne Frank schrijft op 1 augustus 1944 voor het laatst in haar inmiddels wereldwijd beroemde dagboek. Drie dagen later worden Anne en haar medeonderduikers van het Achterhuis gearresteerd.