Nieuws/Binnenland
1506003162
Binnenland

Vijftig Roemeense arbeidsmigranten uit verwaarloosde boerderij in Limburg weer terecht

In deze boerderijcomplex in Linne werden tientallen arbeidsmigranten gehuisvest onder erbarmelijke omstandigheden.

In deze boerderijcomplex in Linne werden tientallen arbeidsmigranten gehuisvest onder erbarmelijke omstandigheden.

MAASBRACHT - De vijftig arbeidsmigranten die onder erbarmelijke en gevaarlijke omstandigheden werden gevonden op een boerderijcomplex in Linne, zijn terecht. Dat zegt burgemeester Stef Strous van Maasgouw, waar het Limburgse Linne onder valt. Sinds 30 mei was het onduidelijk waar zij verbleven, nadat de burgemeester de eigenaren van het bedrijf opdracht had gegeven voor een nieuw onderkomen te zorgen.

In deze boerderijcomplex in Linne werden tientallen arbeidsmigranten gehuisvest onder erbarmelijke omstandigheden.

In deze boerderijcomplex in Linne werden tientallen arbeidsmigranten gehuisvest onder erbarmelijke omstandigheden.

„We weten waar ze zijn, op straat en huisniveau”, zegt de burgemeester woensdag tegen het ANP. Het precieze aantal heeft hij niet, maar „een aantal mensen, vijf of zes, zijn terug naar Roemenië.” De rest van de vijftig arbeidsmigranten zit op twee verschillende plekken, buiten de gemeente Maasgouw. „Het is aan de eigenaar om te vertellen waar, daar heb ik geen bevoegdheid toe.” Wel laat Strous „verifiëren of dat omgevingen zijn die voldoen aan de eisen.”

Mensonterend

Op donderdag 27 mei werden de vijftig Roemenen ontdekt bij de boerderij tijdens een gezamenlijke controle van de gemeente met de vreemdelingenpolitie en de Inspectie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Strous noemde de situatie eerder al „mensonterend.” Onder de werknemers was ook een „voorman, iemand uit Roemenië die de boel in het gareel hield.” Voor hem waren de anderen bang. „Hij was intimiderend en mensen konden niet vrijuit spreken.” De panden waren op gebied van bouw en brandveiligheid slecht.

En dus werden de eigenaren door de burgemeester gesommeerd een andere woonplek te zoeken. Waarheen kreeg de burgemeester niet te horen. „Het is de verantwoordelijkheid van de werkgever internationale arbeiders huisvesting te geven.”

Waarom niet in de gaten werd gehouden of de Roemeense uitzendkrachten nu wel op een goede plek terechtkwamen, kan Strous niet zeggen. „Met de kennis van nu hadden we moeten eisen dat de eigenaar door moest geven waar ze zijn, zodat we konden nagaan of ze op een veilige en goede plek terechtkwamen.”

Aspergeseizoen

Hoe het verder gaat met de werknemers die nog in Nederland zijn? „Het aspergeseizoen loopt nog een week. Gaan ze dan ergens anders werken, of terug naar Roemenië? Dat weet ik niet. Ze zijn nu buiten onze gemeente, dus daar eindigt onze verantwoordelijkheid.” Wel zegt de burgemeester wakker geschud te zijn. „Dit laten we niet meer gebeuren.” Daarom onderhoudt hij nu contact met naastgelegen gemeenten en wil hij weten hoe de nieuwe situatie van de werknemers is. Ook wil hij weten of het hier om een vorm van mensenhandel of intimidatie ging, en of de gemeente nog gerechtelijke stappen kan en moet ondernemen.

Ook heeft Strous gesproken met Emile Roemer, voorzitter van het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten, die na het incident aankaartte dat er in heel Nederland geen zicht is op het aantal gastarbeiders en waar ze wonen. Strous wil zorgen dat de arbeiders zorg krijgen en geregistreerd wordt wie waar slaapt. En er moet alleen nog gewerkt worden met gecertificeerde uitzendbureaus.