Nieuws/Binnenland

Nederlanders eindelijk op weg naar Gibraltar

Het schip MS Pioneer in betere tijden, toen het te water werd gelaten. Na 50 dagen mag het eindelijk de haven van Gibraltar in.

Het schip MS Pioneer in betere tijden, toen het te water werd gelaten. Na 50 dagen mag het eindelijk de haven van Gibraltar in.

Persbureau Meter

GIBRALTAR - Na ruim vijftig lange dagen voor anker op zee wachten is het Nederlandse schip MS Pioneer met een deels Nederlandse bemanning dan toch op weg gegaan naar de haven van Gibraltar. „Dit is onmenselijk, dit kan echt niet!”, klaagden bemanningsleden en hun bezorgde familie aan de Groningse vaste wal gisteren stellig. „Er komt inmiddels bruin water uit de kraan.”

Het schip MS Pioneer in betere tijden, toen het te water werd gelaten. Na 50 dagen mag het eindelijk de haven van Gibraltar in.

Het schip MS Pioneer in betere tijden, toen het te water werd gelaten. Na 50 dagen mag het eindelijk de haven van Gibraltar in.

Persbureau Meter

De vermoeide en na alle ontberingen ongeduldige bemanning van elf man had op het laatst alleen nog slecht water te drinken en maar weinig goeds te eten. Een kok en matroos waren zelfs al ziek, maar groen licht om naar veilige haven te koersen bleef lang uit. Het ging om een nautisch familiebedrijf in nood, dat het slachtoffer werd van de zure ondergang van rederij Flinter Groep uit Barendrecht, mede-eigenaar van het gestrande schip.

Het miljoenenschip van 11.000 ton, in 2011 te water gelaten, pardoes achterlaten kon natuurlijk niet, zeker niet midden op zee. Het schip is bovendien goeddeels eigendom van de kapitein, de stuurvrouw, hun vader en een oom.

Kapitein Daniel Waker (35) en zijn zus stuurvrouw Jacqueline (33) varen aan boord. „Het is hier nu echt onmenselijk. Dit kan niet langer zo, het is vreselijk. We waren er echt wel klaar mee zeg, maar eindelijk is er beweging. Dit is al wel dag 53 en ik ben nu achttien weken weg!”, verzucht Daniel. Het weer is zo slecht dat water maken niet goed kan, legt de getergde Groningse kapitein uit vanaf het schip. Hij zal niet meer op het schip terugkeren. „Het is een trieste afloop, zeker als mede-eigenaar. Ik wil nu echter zo snel als kan naar huis in Delfzijl.”

„Dat het water bruine smurrie is en het schip zo vervuild raakte, waarom gebeurde er toch zo lang niks?”, vertelt een geëmotioneerde Frances Lewis. Zij is de moeder van de kapitein en trok vanuit Delfzijl in ons land fel aan de bel over wat zij zag als regelrechte wantoestanden op zee. Een schande: „Een Nederlands schip met zieken aan boord in pokkenweer, waarom duurt dat allemaal zo lang? Het zijn toch geen poppetjes, maar mensen.”

Dat het er gistermiddag dan toch ineens naar uit zag dat het schip maandag of dinsdag toch uit de benarde situatie zou komen, daarover was ze niet eens direct vol vertrouwen. „Ik ben er ook zo verdrietig van. Het doet pijn. Ik wil het eerst eens zien, ik hoor al een week dat het schip wel naar binnen mag”, zegt ze aangeslagen. „Eerst liepen ze niet zo hard, dat komt door de media-aandacht. Eerst kregen de buitenlanders aan boord wel betaald en Nederlanders niet.” Er komt geen doorstart van Flinter.