Nieuws/Binnenland
1590283607
Binnenland

Koopkracht ondanks impuls volgend jaar rond nullijn

Den Haag - De koopkracht van Nederlanders zal, door de bank genomen, volgend jaar er nauwelijks op vooruit gaan. Het kabinet trekt nog 200 miljoen uit om de plaatjes op te plussen. Maar door een beperkte loongroei en harder stijgende consumentenprijzen, blijft er onderaan de streep weinig over in de beurs.

Dat blijkt uit de koopkrachtplaatjes van het Centraal Planbureau (CPB) voor Prinsjesdag, waar De Telegraaf al inzage in heeft gehad.

Het CPB had in augustus al voorspeld dat Nederlanders er niet of nauwelijks op vooruit zouden gaan volgend jaar. Vrijwel alle groepen die het planbureau onderscheidt, bleven of op de nullijn staan, of gingen er zelfs een beetje op achteruit.

Het demissionaire kabinet heeft nog wel een beetje aan de knoppen gedraaid en geeft ruim 200 miljoen euro uit voor een kleine koopkrachtimpuls. Bijvoorbeeld door de arbeidskorting langzamer af te bouwen, net als de algemene heffingskorting voor de minstverdienende partner, in de volksmond bekend als de ’aanrechtsubsidie’. Van dat laatste profiteren vooral de alleenverdieners, die alsnog het slechtste uit de koopkrachtplaatjes komen. Ook gaan het kindgebonden budget en de zorgtoeslag omhoog.

Maar al met al levert het slechts magere plusjes op. Dat Nederlanders er komend jaar nauwelijks op vooruitgaan, komt doordat de loongroei na de coronacrisis beperkt blijft en de inflatie juist stijgt, waardoor het leven duurder wordt.

Bekijk hieronder de koopkrachtplaatjes voor 2022:

Kunt u de afbeelding niet zien? Klik dan hier

Er is een enorme discrepantie tussen de mate van welvaart en de problemen waar mensen in de praktijk tegenaan lopen, zegt Martin Visser in de podcast Kwestie van Centen: