Nieuws/Binnenland
1643927
Binnenland

ADM nog niet ontruimd, gebruik terrein ’eindig’

3,7 ton voor krakers

De toegangspoort van het ADM-terrein.

De toegangspoort van het ADM-terrein.

Amsterdam - Amsterdam trekt zo’n 370.000 euro uit om de krakers van het ADM-terrein te begeleiden naar een tijdelijke locatie. Dat bevestigen bronnen aan De Telegraaf. Het besluit zou in het geheim zijn genomen, waardoor raadsleden niet over de kwestie mogen praten.

De toegangspoort van het ADM-terrein.

De toegangspoort van het ADM-terrein.

De stad wil de krakers van het ADM-terrein verplaatsen naar een tweejarige tijdelijke locatie in Amsterdam Noord, zodat de eigenaren van het ADM-terrein het al decennialang bezette gebied bouwrijp kunnen maken voor de komst van scheepsbouwbedrijven.

Gisteren oordeelde de Raad van State dat de krakers vooralsnog niet van het ADM-terrein verwijderd hoeven te worden, omdat nog geen omgevingsvergunning is verleend en dus nog geen werkzaamheden op het perceel kunnen worden uitgevoerd. De vergunning is echter wel aangevraagd door Koole Maritiem, waarover naar verwachting binnenkort een uitslag volgt. Als blijkt dat, voordat de inhoudelijke zaak bij de Raad van State is behandeld, er een omgevingsvergunning dan wel andere vergunningen aan de nieuwe huurder(s) zijn afgegeven, kan alsnog worden verzocht bij de Raad van State om de ontruiming door te zetten.

Volgens de rechter is volgens de huidige stand van zaken nog niet gebleken dat twee andere ondernemingen zich op korte termijn zullen vestigen op het ADM-terrein. De rechter nam ook in aanmerking dat de situatie al twintig jaar bestaat, er 200 krakers (waaronder kinderen) wonen en werken en zij bij ontruiming op korte termijn „geen vervangende huisvesting hebben en de uitvoering van het handhavingsbesluit voor hun onomkeerbare gevolgen met zich brengt”, aldus de voorzieningenrechter bij het hoogste bestuursrechtorgaan.

De Raad van State gaat ervan uit dat „hangende de periode waarin het besluit is geschorst, de bewoners van het terrein doorgaan met zoeken naar alternatieve huisvesting, waarbij van belang wordt geacht dat de bewoners erkennen dat het gebruik van het terrein eindig is”, zo luidt de uitspraak.