Nieuws/Binnenland
1657054314
Binnenland

Saadia Ait-Taleb vrijgesproken van factuurfraude bij gemeente Amsterdam

Saadia Ait-Taleb en haar advocaat Richard Korver.

Saadia Ait-Taleb en haar advocaat Richard Korver.

Amsterdam - De voormalige Amsterdamse deradicaliseringsambtenaar Saadia Ait-Taleb (37) is, samen met medeverdachte Saïd J. (38), vrijgesproken van factuurfraude bij de gemeente Amsterdam. Dat heeft de rechtbank in Amsterdam geoordeeld.

Saadia Ait-Taleb en haar advocaat Richard Korver.

Saadia Ait-Taleb en haar advocaat Richard Korver.

Ait-Taleb, die eerder zelf verzocht bij haar volledige naam te willen worden genoemd, werkte bij de gemeente als programmamanager voor het team radicalisering en polarisatie en kreeg drie jaar geleden strafontslag van wijlen burgemeester Eberhard van der Laan. Dat volgde op vermoedens van belangenverstrengeling, omdat de gemeente dacht dat zij een relatie had met Saïd J. aan wie ze diverse opdrachten zou hebben gegund. De gemeente stelde destijds voor veel geld door het duo te zijn getild, waarna ook een strafrechtelijk onderzoek volgde.

Saïd J. stuurde destijds de facturen voor werkzaamheden in het kader van de zogenoemde Grijze Campagne; een campagne van de gemeente Amsterdam om radicalisering te voorkomen. Deze campagne moest geheim blijven en werd aangestuurd door de burgemeester. Ait-Taleb was als programma manager Radicalisering bij de gemeente Amsterdam belast met de uitvoering van de campagne en moest zorgen dat zij de kosten daarvan buiten de boeken hield. „Dit plaatste haar in een lastige positie. Mensen die niet op de hoogte waren van de campagne zagen de facturen als onverklaarbare facturen. Er ontstond een vermoeden van oplichting en fraude”, aldus de rechtbank.

Geen bewijs

De officier van justitie zei op de zitting na maandenlang onderzoek dat er geen bewijs is dat Ait-Taleb fraude heeft gepleegd met drie facturen van 18.000 euro en vroeg vrijspraak. Volgens het OM was Saïd J., die de facturen bij Ait-Taleb indiende voor het werk dat hij voor deze campagne deed en die zij goedkeurde, wel schuldig aan het valselijk opmaken van de facturen. Het is niet bewezen dat hij daadwerkelijk de werkzaamheden heeft verricht waarvoor hij werd betaald, hield de officier vol. Het OM eiste daarom een onvoorwaardelijke taakstraf van 120 uur tegen J., maar ook hij wordt door de rechtbank vrijgesproken.

Het is volgens de rechtbank namelijk niet bewezen dat Saïd J. valse facturen heeft opgemaakt, omdat niet is gebleken dat hij de werkzaamheden die hij (per factuur) in rekening bracht bij de gemeente niet heeft verricht. Het dossier bevat daarvoor onvoldoende bewijs. Dat betekent dat er geen sprake is van valse facturen en dat Ait-Taleb daarmee ook geen gebruik heeft gemaakt van valse facturen, zo stelt de rechtbank vast.

Daarnaast oordelen de rechters dat Ait-Taleb voldoende redenen had om ervan uit te mogen gaan dat de facturen van de man klopten. „Zij had voor een groot deel zicht op zijn werkzaamheden, beiden hadden onderling veel contact en zij zag dat hij de producten aanleverde waarvoor hij de opdracht had gekregen. De vrouw mocht er dan ook op vertrouwen dat facturen juist waren. Bovendien zijn de facturen geaccordeerd door haar leidinggevende.”

Hoger beroep

Ait-Taleb ontkende en vocht eerder haar ontslag tevergeefs aan bij de rechter. Hierover loopt nog een hoger beroep. Eerder oordeelde de rechtbank in die ontslagzaak dat het ’voldoende aannemelijk is’ dat de gemeente Amsterdam door de handelwijze van Ait-Taleb financieel „ernstig is benadeeld.”

Uit het dossier kwam volgens de rechtbank toen „overtuigend naar voren dat de zakelijke relatie en de privé-relatie” tussen Saadia en Saïd „met elkaar verstrengeld zijn geraakt.” Zo is onder andere een foto opgedoken van Saadia en Saïd waarop zij elkaar op de mond kussen.

Ait-Taleb noemde haar dossier tijdens de zitting al „totale onzin.” „Er is veel kapotgemaakt.” Haar advocaat Korver wilde dat het OM niet-ontvankelijk zou worden verklaard. Volgens Korver had de Rijksrecherche het onderzoek moeten leiden en niet het OM, dat nauwe banden heeft met het ’stadhuis’ en zou er vertrouwelijke informatie vanuit het stadhuis aan de media zijn gelekt. De rechtbank ziet daar echter geen bewijs voor en verwerpt dat verweer.