Nieuws/Binnenland
1661021444
Binnenland

Elf paarden vangweide Oostvaardersplassen dood

LELYSTAD - Zes merries en vijf veulens zijn tussen maart en half juni doodgegaan in de zogeheten vangweide in de Oostvaardersplassen. Een woordvoerder van Staatsbosbeheer bevestigt een bericht hierover van Omroep Flevoland. De woordvoerder benadrukt dat het aantal sterfgevallen onder de konikpaarden in de vangweide verhoudingsgewijs even hoog is als daarbuiten.

De woordvoerder benadrukt dat de dieren niet zijn doodgegaan tijdens de recente hittegolf. „Het was niet in de afgelopen drie weken”, zegt hij.

Op een van de overleden dieren is sectie verricht, omdat daarbij niet direct duidelijk was wat de doodsoorzaak was. Uit die sectie kwam ook geen duidelijke oorzaak naar voren. Bij de andere dieren was wel duidelijk waardoor ze stierven. Zo redden sommige jonge veulens of sommige merries de geboorte niet of was bijvoorbeeld sprake van een gebroken been.

Woensdag vindt een spoeddebat plaats over het lot van ruim 150 konikpaarden in de Oostvaardersplassen. Het debat is aangevraagd door de Partij voor de Dieren, Forum voor Democratie en de PVV, die stellen dat Staatsbosbeheer slecht zorgt voor de paarden en willen dat het provinciebestuur ingrijpt. Statenleden onderbreken hun zomerreces voor het debat.

De konikpaarden staan in de vangweide van 55 hectare in afwachting van transport naar een natuurgebied in Wit-Rusland. Volgens de Partij voor de Dieren stonden de dieren vorige week in de brandende zon zonder beschutting en schaduw. De partij deed daarom aangifte bij de politie tegen Staatsbosbeheer.

De woordvoerder van Staatsbosbeheer stelt dat zowel dierenartsen als de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit NVWA zeggen dat de paarden de hitte prima hebben doorstaan. "Er is geen hittestress bij ze geconstateerd. Ze vertonen natuurlijk gedrag. We geven ze extra water en hooi, daarmee beschermen we ze voor zware omstandigheden. Beschutting werkt eerder averechts: als je een zeildoek spant, dan houden ze daar afstand van en dat vermindert weer hun bewegingsruimte. Ze vangen liever wind, wat ze een prettige manier van afkoelen vinden."