Nieuws/Wat U Zegt

Deelnemers: voorlichting over orgaandonatie nodig

Uitslag stelling: Fel verzet tegen donorwet

De nieuwe donorwet is vorige week aangenomen door de Eerste Kamer, maar de discussie erover in het land is nog lang niet verstomd. Bijna driekwart van de deelnemers aan de Stelling van de Dag is uiterst ontevreden over de uitkomst.

In de dagen rond de behandeling van de wet liep het storm bij het donorregister. Maar liefst 75.000 nieuwe mensen hadden zich aangemeld. Het leverde vooral een golf aan ’nee-zeggers’ op: dat waren er 63.000.

Onder deze opposanten zijn er velen die de overheid sowieso wantrouwen. Ze zijn boos dat zij zich nu moeten laten registreren om zich als donor af te melden. „De voorstanders van de donorwet willen zich niet realiseren dat veel mensen bewust zich niet laten registreren om dat dit niet nodig was als men geen donor wil zijn. Een zwarte dag in de Nederlandse geschiedenis is geschreven.”

Andere tegenstanders kwalificeren de wet als dwangmiddel van de overheid, die het donortekort in Nederland op deze manier wil oplossen en ’beslag legt op weefsels en organen’. „Het lichaam is geen staatseigendom, ook niet na een overlijden”, klinkt het boos.

Uit de vele reacties blijkt ook dat de nieuwe donorwet een bron van onrust is, die een voedingsbodem vormt voor verdenkingen en angsten. „Kunnen artsen misschien denken dat ze een patiënt maar laten sterven om anderen te redden?” , vraagt iemand zich serieus af. En 47 procent van de deelnemers antwoordt eerlijk dat ze bij orgaandonatie denken aan snijden in hun lichaam en dat ze eigenlijk helemaal niet over dit onderwerp willen nadenken. Bovendien twijfelen zeven op de tien deelnemers ook over het principe dat het laatste woord over donatie bij de nabestaanden ligt.

Voorlichting over de nieuwe donorwet is hard nodig, beaamt 66 procent van de deelnemers. Zo vermoedt een betrokken respondent dat velen het doel niet helder voor ogen hebben: „Mijn gezin is al 20 jaar donor. Dus anderen na je dood helpen, is toch geweldig. Alleen merk ik uit reacties dat de meeste mensen het niet eens snappen. Meer uitleg hierover is hard nodig.”

In Europa bestaat in sommige landen al langer het principe van ’iedereen donor, tenzij...’ Een in Spanje woonachtig landgenoot verhaalt over het succes daar van dit systeem: „In Spanje, waar deze wet al tientallen jaren bestaat, werkt het uitstekend. Het is volledig geaccepteerd en normaal, om je organen te doneren. Als je doneert doe je iets terug voor de maatschappij en heb je ook de voordelen ervan in geval van...” En bijna de helft van de deelnemers denkt dat het voor nabestaanden een troostrijke gedachte kan zijn dan een lichaamsdeel van een familielid het leven redt en/of verbetert van een ander.

De voorstanders van de donorwet van D66 (23 procent) zijn vooral opgelucht en blij voor de vele zieken, die wachten op een orgaan. „Véél te laat, véél te soft, maar nu het ein-de-lijk is gelukt, is het een zegen voor de patiënten. Ik kan er echt niet bij dat er mensen zijn die hier bezwaar tegen hebben”, luidt een reactie. „Dit kan helpen de wachtlijsten te verkorten”, juicht een ander. En onder deze voorstanders zijn er ook velen die het betreuren dat de nabestaanden toch het laatste woord krijgen. „Het is mijn lichaam en alleen ik beslis wat er mee gebeurt”, klinkt een kordate reactie.