Nieuws
1711557
Nieuws

’Minder blanke mannen in straatnamen’

Er moet ook een straat worden vernoemd naar de in Rotterdam geboren schrijfster Thea Beckman.

Er moet ook een straat worden vernoemd naar de in Rotterdam geboren schrijfster Thea Beckman.

Rotterdam - Er moeten veel meer straatnamen in Rotterdam worden vernoemd naar vrouwen. Daarmee moet een einde komen aan de dominantie van blanke mannen in het straatnamenbeeld.

Er moet ook een straat worden vernoemd naar de in Rotterdam geboren schrijfster Thea Beckman.

Er moet ook een straat worden vernoemd naar de in Rotterdam geboren schrijfster Thea Beckman.

Vijf politieke partijen hebben er een initiatiefnota voor ingediend, die uit de koker komt van Nadia Arsieni van D66. GroenLinks, NIDA, SP en de PvdA steunen het voorstel. Al langere tijd rommelt het in Rotterdam met vernoemingen en verwijzingen.

Zeehelden moeten van hun sokkel worden getrokken omdat ze ooit fout zijn geweest, zonder dat de context van de tijd waarin ze leefden wordt meegenomen in de overwegingen. De pijlen zijn nu breder gericht.

Het moet ’diverser’. Begin deze maand werd in Hillegersberg van vijf nieuwe straten de naam bekendgemaakt. Allemaal kunstenaars zijn in naam vereeuwigd. Op zich prima volgens de politici, ware het niet dat ’deze nieuwe straten allemaal naar witte mannen vernoemd zijn’.

Niet voor het eerst. „Helaas is dit een bekend fenomeen. Zo werden in juli 2016 de Joop de Jongestraat, Jankleingeldstraat, Jan van Weeldenstraat, Albertus de Voogtstraat en de Coor Ditewegstraat onthuld. Allen verzetsstrijders uit de Tweede Wereldoorlog die deze eer absoluut verdienen”, stellen de vijf partijen in hun voorstel.

„Maar waar zijn de straten die de vele fantastische vrouwen eren die Rotterdam door de eeuwen heen hebben gevormd? Of bijvoorbeeld Rotterdammers met een migratieachtergrond? De duizenden straatnamen in het straatnamenregister laten een heel eenzijdig beeld zien van de Rotterdamse geschiedenis. In een divers Rotterdam kan dit zo niet langer.”

Ze hebben zelf een steekproef gehouden in het straatnamenregister en daaruit blijkt dat acht procent van de Rotterdamse straten vernoemd is naar een vrouw. Vooral leden van het Koningshuis of religieuze personen/heiligen. Geen enkele straat draagt de naam van een Rotterdammer ’met een cultureel diverse achtergrond’.

Daarom moeten de regels worden aangepast wanneer er naar iemand vernoemd kan worden. Zo moet het verschil in beleid tussen ’normale mensen’ en leden van het Koninklijk Huis worden opgeheven. Jan met de pet kan pas tien jaar na zijn overlijden worden vernoemd, iemand van het Koninklijk Huis een jaar na diens dood.

Meer aandacht voor vrouwen moet er komen met een wijk voor ’vergeten vrouwen’, ’kunstenaressen’, ’sportsters’ of ’vrouwelijke verzetshelden’. Er zijn al twaalf namen aangeleverd bij het college om een straat naar te vernoemen; kinderboekenschrijfster Thea Beckman prijkt bovenaan.