Nieuws/Binnenland
1722740275
Binnenland

D66-leden eisen dat bestuur nieuw onderzoek instelt naar grensoverschrijdend gedrag

Den Bosch - Het laten verdwijnen van een ’onveilige werksfeer’ binnen D66 krijgt voor het partijbestuur een nieuw staartje. D66-leden eisen dat het landelijk partijbestuur een nieuw extern onderzoek instelt naar #Metoo-gedrag in de partij. Een kritische motie die ontraden werd door de partijtop is door de meerderheid van de leden op het congres in Den Bosch aangenomen.

Daarmee krijgt het partijbestuur opnieuw een gevoelige tik op de vingers. Tijdens een eerdere kritische ledenbijeenkomst werd getracht de angel uit de zogeheten ’Frans van Drimmelen-gate’ te halen. Die D66-partijprominent werd beticht van grensoverschrijdend gedrag binnen de partij en de partijtop werd beticht van het achterhouden van informatie over de MeToo-zaak waar hij bij betrokken zou zijn geweest. Na een publieke rel werden daar door de voorzitter en partijleider Sigrid Kaag excuses voor aangeboden. Ook werd een rectificatie geplaatst en kreeg het slachtoffer een schadevergoeding. De partijtop voerde daarnaast wijzigingen door waardoor ’onveiligheid’ binnen de partij weggenomen moest worden. Daarmee werd geprobeerd de kwestie ’af te handelen’.

Maar daarmee is de kous nog niet af, blijkt. Volgens een meerderheid van de aanwezige partijgenoten zijn er weliswaar wijzigingen doorgevoerd zodat ’laagdrempeliger kan worden gemeld’, maar dit zou nog steeds ’afstandelijk’ zijn. Onder andere D66-Europarlementariër Sophie in ’t Veld -die onlangs zelf nog in het nieuws kwam na geruzie met een partijgenoot in Brussel- schaarde zich achter de motie.

De leden vinden in meerderheid dat het landelijk bestuur nieuwe richtlijnen en aanbevelingen moet ontwikkelen voor besturen en fracties op landelijk, regionaal en lokaal niveau „gericht op preventie van incidenten en het creëren van een sociaal veilige sfeer.” Ook willen de leden een extern onderzoek naar „naar preventie van incidenten en het creëren van een sociaal veilige sfeer.”

Het partijbestuur verzet zich echter tegen een nieuw onderzoek, blijkt uit een toelichting. Volgens de partijleiding zorgt dat voor een ’stapeling van verschillende onderzoeken’. „Dit willen we voorkomen, juist omdat dit zo’n precair onderwerp is. We denken niet dat nog een extra extern onderzoek de geëigende weg is om recht te doen aan het doel van deze motie.”