1779008
Buitenland

Sociale media ingezet tegen desinformatie

STRAATSBURG - Sociale media als Twitter en Facebook zijn bereid afspraken te maken over het tegengaan van desinformatie en nepnieuws via hun platforms. Die afspraken worden verwerkt in een Europese code waaraan ze zich zullen houden.

De code wordt uitgewerkt door de zogenoemde expertgroep die de Europese Commissie heeft ingesteld. Onder meer Twitter, Facebook, Google en Wikipedia zijn hierin vertegenwoordigd en verlenen steun aan tien principes waarover overeenstemming is.

De platforms moeten hun gebruikers onder meer duidelijk uitleggen hoe de algoritmes werken die bepalen welke nieuwsberichten ze krijgen voorgeschoteld. Ook moeten ze maatregelen nemen om samen met journalistieke organisaties betrouwbaar nieuws een duidelijk podium te geven, vooral van belang rond verkiezingen.

’Censuur voorkomen’

„Een grote stap voorwaarts en een robuust startpunt”, aldus voorzitter van de expertgroep Madeleine de Cock Buning. „Censuur moet tegen alle prijs worden voorkomen”, aldus de Nederlandse hoogleraar. „Vrijheid van de pers is het grootste goed.” Zij zei zondag al dat de EU geen lijsten met verspreiders van nepnieuws moet aanleggen omdat het risico bestaat dat overheden er misbruik van maken.

De Europese koepel van consumentenorganisaties BEUC zit ook in de groep, maar stemde tegen het rapport omdat het verdienmodel van Google en Facebook niet wordt aangepakt. Die organisaties verdienen via advertenties volgens directeur Monique Goyens enorm veel aan gebruikers die nepnieuws lezen en delen.

Weerbaar tegen nepnieuws

Het negeren van deze „grondoorzaak” van nepnieuws komt neer op kop-in-het-zandpolitiek, aldus Goyens. Het probleem moet bij de bron worden aangepakt, vindt zij. De aanbeveling om mensen weerbaarder te maken tegen nepnieuws is volgens haar niet zinvol.

De expertgroep vermijdt overigens de term nepnieuws, omdat daarmee het „ingewikkelde probleem” van vermenging van verzonnen informatie en feiten niet zou worden gedekt.

De 39 deskundigen zien een grote rol weggelegd voor journalisten en factcheckers bij het bestrijden van desinformatie. Hun aanbevelingen zijn maandag aangeboden aan de Europese Commissie, die dit voorjaar met een voorstel komt.