Nieuws/Binnenland
1937428019
Binnenland

Tekort aan psychiaters bij NIFP vertraagt rechtspraak

UTRECHT - Er is een tekort aan psychiaters en GZ-psychologen voor het opmaken van psychiatrische rapporten in strafzaken. Daardoor worden rechtszaken uitgesteld en blijven verdachten langer in voorarrest, want strafrechters hebben deze informatie nodig om te bepalen of een straf of maatregel nodig is. Dit zegt Michel Groothuizen, directeur van het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie (NIFP). Dit instituut schakelt deze forensisch gedragsdeskundigen in.

Het instituut kampt niet alleen met te weinig rapporteurs, ook staat een deel van hen op het punt om met pensioen te gaan. Voor het instituut zijn zo’n 450 psychiaters en psychologen parttime inzetbaar. Zij maken maar zeven rapporten per jaar en kunnen de stroom aan rapportageverzoeken niet aan.

Om verdere verstopping van de strafketen te voorkomen, neemt het NIFP nu maatregelen. Zo liep er vorig jaar een proef bij de rechtbank Gelderland. Samen met het OM bekeek het NIFP alle zaken met een verzoek tot een pro-Justitia-rapport, of dit verzoek echt nodig was. Hieruit bleek dat een kwart hiervan ook zónder een dergelijk rapport kon worden afgedaan. De proef krijgt dit voorjaar een landelijk vervolg. Ook de zaken van de overige rechtbanken in Nederland worden dan strenger beoordeeld.

Het NIFP spant zich ook extra in voor meer geld en het werven van nieuwe psychiaters en psychologen. Op dit moment is het lastig de forensisch gedragsdeskundigen aan boord te houden, omdat de kwaliteitseisen de laatste jaren zijn verzwaard. De onderzoeken vergen hierdoor meer uren en die worden niet uitbetaald. „De deskundigen kunnen elders meer geld verdienen en dat maakt de spoeling nog dunner”, zegt Groothuizen.

Het tekort aan psychiaters bij het NIFP is een serieus probleem, blijkt uit reacties in de rechtszalen in Nederland. Onlangs opperde de officier van justitie in de zaak van een 29-jarige man die betrokken zou zijn bij de dood van een Rotterdamse tiener, onderzoek te laten doen door deskundigen die niet zijn geregistreerd bij het Nederlands Register voor Gerechtelijk Deskundigen (NRGD). Groothuizen vindt dit een slecht plan. „Voor de verdachte hangt veel van zo’n onderzoek af, alsook voor de samenleving. Het gaat hier over mensen die mogelijk gevaarlijk zijn en behandeld moeten worden. Hier mag niet te lichtzinnig over worden gedacht”, zegt Groothuizen.