Nieuws/Binnenland

’Buitenlandse gokfirma’s betalen geen belasting’

Lotto hekelt indringers uit het buitenland

ANP / Hollandse Hoogte

Den Haag - Nederlandse gokkers zetten jaarlijks zeven miljard euro in bij online loterijen in het buitenland. Van dat bedrag houden die partijen ongeveer een half miljard euro over, concludeert Nederlandse Loterij uit eigen onderzoek.

ANP / Hollandse Hoogte

Het moederbedrijf van onder meer Lotto, Staatsloterij, Krasloten en Toto waarschuwt: die buitenlandse bedrijven betalen geen kansspelbelasting, en hoeven zich ook niet te houden aan de regels om gokverslaving te voorkomen. „Een slechte zaak”, vindt topman Niels Onkenhout.

Hij wil óók online gokspellen kunnen aanbieden, en een wet die ervoor zorgt dat ook goksites uit landen als Malta en Engeland zich aan de regels moeten houden. Zo’n wet ligt al bij de Eerste Kamer, en het is de bedoeling dat die op 1 januari 2019 van kracht wordt.

„Buitenlandse gokfirma’s zullen hun opbrengst niet, zoals wij, aan de maatschappij doneren”, vermoedt Onkenhout. Maar dat wil volgens hem niet zeggen dat topsporters als Bibian Mentel, Henk Grol en Ranomi Kromowidjojo het straks met minder lotto-opbrengsten moeten doen. „Wij concurreren nu al tegen online nieuwkomers, dus we gaan ervan uit dat de afdracht aan NOC*NSF (vorig jaar 45 miljoen euro, red.) met de nieuwe wet niet minder wordt.”

Monopoliepositie

Ondertussen proberen de buitenlandse concurrenten gaten te schieten in de monopoliepositie van de loterijen hier. Zij willen hun eigen varianten op Lotto, Toto en de Krasloten kunnen aanbieden, en vierden gisteren een kleine overwinning bij de rechters in de Raad van State.

De Toto en de Krasloten houden hun alleenrecht, maar in het monopolie van de Lotto lijkt een eerste bres te zijn geslagen. De Kansspelautoriteit, de toezichthouder op de Nederlandse gokmarkt, moet opnieuw uitleggen waarom het slecht is als er meer lotto-achtige loterijen worden aangeboden.

Dat leidt nog niet bij paniek bij Onkenhout. De uitspraak van de hoogste bestuursrechter is „een handreiking”, oordeelt de loterijbaas, en geen tik op de vingers. Monter: „Meer duidelijkheid is altijd goed.”

Het Nederlandse gokbeleid heeft de gang naar de Raad van State grotendeels overleefd, is ook de conclusie van de Kansspelautoriteit. De toezichthouder gaat aan de slag met het juridische huiswerk, en laat weten dat er een nieuw besluit komt met een betere uitleg.

De loterijbaas gokt erop dat de nieuwe uitleg van de Kansspelautoriteit wél afdoende zal zijn. „Elk land in Europa heeft maar één lotto, waarom zouden we dat in Nederland anders doen? En wat kunnen die andere aanbieders nou anders doen dan wij? Een lotto met om de dag trekkingen, wellicht. Moeten we dat wel willen?”

Goede doelen

Ondanks de concurrentie van over de grens is De Nederlandse Loterij het afgelopen jaar gegroeid, blijkt uit het gisteren gepubliceerde jaarverslag. In totaal werd er voor ruim 1,1 miljard euro aan loten verkocht, tegen een prijzenpot van 732 miljoen. In totaal ging er 165 miljoen euro naar de schatkist, sportbonden en andere goede doelen.

Saillant detail: in het jaarverslag wordt een lagere opbrengst, en dus lagere afdracht aan maatschappelijke instellingen, wél uitdrukkelijk als risico genoemd.

Bekijk meer van