Nieuws/Buitenland
2052295436
Buitenland

Duitse IS-bruid moet cel in voor gruwelijke dood van 5-jarig jezidi-meisje

Beeld ter illustratie.

Beeld ter illustratie.

MÜNCHEN - Een Duitse IS-bruid is in München veroordeeld tot tien jaar cel voor onder meer deelname aan een terroristische organisatie en de dood van een 5-jarige meisje van de jezidi-gemeenschap. Het slachtoffertje stierf in Irak van de dorst in de brandende zon.

Beeld ter illustratie.

Beeld ter illustratie.

Het is een van de eerste veroordelingen wereldwijd in verband met de vervolging van de religieuze minderheid door Islamitische Staat (IS). De groepering maakte zich tussen 2014 en 2017 in Irak schuldig aan ernstige misdaden tegen onder anderen de jezidi’s. Duizenden van hen werden ontvoerd en vermoord.

De rechtbank acht bewezen dat Jennifer Wenisch (30) en haar man, een IS-strijder, in 2015 een jezidi-vrouw en -meisje hadden „gekocht” als „slaven” voor in het huishouden. De twee slachtoffers werden vastgehouden in Mosul, dat toen in handen was van IS.

’Vastgebonden’

Aanklagers zeiden dat het meisje door de echtgenoot als straf buiten werd vastgebonden, nadat ze ziek was geworden en in bed had geplast. Volgens de rechtbank is Wenisch medeplichtig aan de moord op het meisje door geen hulp te bieden. Haar man, Taha al-Jumailly, staat in Frankfurt een apart proces terecht. Het vonnis in die zaak wordt eind november verwacht.

Wenisch is ook veroordeeld voor een poging tot het plegen van een oorlogsmisdaad, misdaden tegen de menselijkheid en haar IS-lidmaatschap. De straf komt lager uit dan de eis van de aanklagers. Die wilden een levenslange celstraf voor de vrouw. De verdediging had gevraagd voor een celstraf van twee jaar, alleen voor deelname aan een terroristische organisatie.

Bekeerd

Wenisch zou zich volgens Duitse media in 2013 hebben bekeerd tot de islam en een jaar later via Turkije en Syrië naar Irak zijn gereisd, waar ze zich aansloot bij IS en in het huwelijk trad met een IS-strijder. De vrouw werd in 2016 opgepakt toen ze de Duitse ambassade in Ankara verliet. Ze werd kort daarop uitgeleverd aan Duitsland. Het proces tegen haar begon in april 2019.