Nieuws/Binnenland
2080616038
Binnenland

Blok: praten met Koerden over berechting Syrië-gangers

Stef Blok, minister van Buitenlandse Zaken.

Stef Blok, minister van Buitenlandse Zaken.

DEN HAAG - Minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) is bereid te praten met de Koerden in het noordoosten van Syrië over de berechting van Nederlandse jihadisten die daar vastzitten. Dat zei hij vrijdag na aandringen van de grootste regeringspartijen. Tot dusver hield het kabinet vol dat dat onmogelijk is omdat de Koerden geen autonoom land besturen en Nederland geen officiële betrekkingen met hen onderhoudt.

Stef Blok, minister van Buitenlandse Zaken.

Stef Blok, minister van Buitenlandse Zaken.

De Koerden, die een aantal gevangenenkampen in het noordoosten van Syrië beheren, wilden jihadisten uit onder andere Europa oorspronkelijk terugsturen naar hun landen van herkomst. Donderdag verschenen berichten dat ze buitenlandse strijders van Islamitische Staat toch zouden willen berechten.

Als dat klopt, is het „zeer de moeite waard om het gesprek aan te gaan”, zegt Blok. „Dan moeten we dat zeker doen.” Hij ziet nog wel obstakels, omdat de Koerden volgens hem niet beschikken over de noodzakelijke wetgeving en rechterlijke macht. Bovendien wil Blok zeker weten dat IS-gangers daar niet de doodstraf kunnen krijgen, want daar wil Nederland niet aan meewerken. De Koerden hebben volgens Tweede Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma al duidelijk gemaakt dat zij die straf niet zullen opleggen.

Nederland zal hoe dan ook weer optrekken met de Europese landen die al langer samen zoeken naar een manier om Syrië-gangers te berechten, aldus Blok. Hij gaat met hen overleggen hoe ze verdergaan. Bij de ommezwaai van de Koerden waren „kennelijk al Finse overheidsvertegenwoordigers betrokken”, begreep de minister.

Of berechting door de Koerden nu de beste kansen biedt op het voor de rechter brengen van Syrië-gangers, durft Blok nog niet te zeggen. Een internationaal tribunaal in Irak of Syrië heeft nog altijd de voorkeur van Nederland, onderstreept hij. En als dat te hoog gegrepen blijkt, komt eerst de Iraakse rechter nog in aanmerking als die zich bijvoorbeeld van de doodstraf onthoudt.