Nieuws/Binnenland
2110606111
Binnenland

Aangifte tegen Ruinerwold-vader vanwege zedendelict

Ruinerwold - Tegen Gerrit Jan van D., de vader van negen kinderen in de geruchtmakende Ruinerwoldzaak, is aangifte gedaan van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Dat heeft het Openbaar Ministerie laten weten na berichtgeving door RTV Drenthe.

Meer informatie kan het OM niet geven. Door wie aangifte is gedaan, wordt niet bekendgemaakt. De regionale omroep meldt op basis van bronnen dat het gaat om één van de oudere kinderen die aangifte zou hebben gedaan en dat het slachtoffer één van de jongere kinderen is, die tot voor kort bij de vader in Ermelo woonde. De aangifte is recent en wordt onderzocht, laat het OM weten. Wanneer dat onderzoek klaar is, kan de woordvoerder niet aangeven.

Begin maart bepaalde de rechtbank in Assen dat de strafvervolging van de 68-jarige Van D. moest worden beëindigd. Door zijn slechte gezondheid kon hij niet terechtstaan. Daarop kwam hij op vrije voeten en trok in bij de jongste kinderen. Alle kinderen zijn inmiddels meerderjarig.

Tekst loopt door onder de foto.

Een luchtfoto van de boerderij in Ruinerwold waar zes kinderen van vader Gerrit Jan van D. hebben gewoond.

Een luchtfoto van de boerderij in Ruinerwold waar zes kinderen van vader Gerrit Jan van D. hebben gewoond.

Vrijheidsberoving

Van D. werd onder meer verdacht van jarenlange vrijheidsberoving van zes van zijn negen kinderen. Zij zouden tegen hun wil zijn vastgehouden op een afgelegen boerderij in de buurt van het Drentse dorp Ruinerwold. Ook zou hij zijn kinderen hebben mishandeld en een aantal van hen seksueel hebben misbruikt. Het gezin zou in een soort religieuze ban hebben geleefd, onder aanvoering van Van D.

De zaak kwam in oktober 2019 aan het licht, nadat een van de kinderen alarm had geslagen. Hij was destijds uit de boerderij weggelopen en heeft vervolgens alarm geslagen.

De zaak tegen medeverdachte Josef B. gaat nog wel door, in september. Hij wordt ervan verdacht de kinderen tegen hun wil te hebben vastgehouden. De 60-jarige B., Oostenrijker van geboorte, zou de huurder van de boerderij zijn geweest en een vriend van Van D. Hij zit niet meer in voorarrest. Op eerdere, tussentijdse zittingen heeft hij de beschuldigingen van de hand gewezen en gezegd dat er sprake is van „een heksenjacht.”