Nieuws/Binnenland

Kabinet neemt alle missies onder de loep

Rekenkamer: Defensie kan Mali-missie amper aan

Minister Ank Bijleveld van Defensie tijdens een bezoek aan Mali, waar 250 Nederlandse militairen meedoen aan een VN-missie.

Minister Ank Bijleveld van Defensie tijdens een bezoek aan Mali, waar 250 Nederlandse militairen meedoen aan een VN-missie.

ANP

Den Haag - Kan Nederland nog wel op het huidige niveau blijven bijdragen aan militaire missies. Die vraag heeft het kabinet zich gesteld naar aanleiding van een kritisch rapport van de Algemene Rekenkamer over de Nederlandse bijdrage aan de VN-missie in Mali. Hierin staat dat de defensie-organisatie de missie in Mali eigenlijk niet kan dragen. Alle missies zijn onder de loep genomen.

Minister Ank Bijleveld van Defensie tijdens een bezoek aan Mali, waar 250 Nederlandse militairen meedoen aan een VN-missie.

Minister Ank Bijleveld van Defensie tijdens een bezoek aan Mali, waar 250 Nederlandse militairen meedoen aan een VN-missie.

ANP

De Rekenkamer zegt al jaren dat ambities en middelen bij Defensie niet met elkaar in overeenstemming zijn. De missie in Mali heeft ernstige gevolgen voor de operationele en materiële gereedheid van de krijgsmacht en ook de geoefendheid van de militairen. „Gebrek aan materieel, onvoldoende training, defecte onderdelen: de minister van Defensie slaagt er slechts ternauwernood in om eenheden inzetgereed te stellen en te houden voor de inzet in Mali”, schrijft de Rekenkamer.

De militaire missie in Mali doet een zwaar beroep op het improviserend vermogen van de Nederlandse krijgsmacht, oordeelt de Rekenkamer, die vaststelt dat het koste wat kost meedoen aan de VN-operatie tegen jihadisten en opstandige rebellengroepen de gehele krijgsmacht raakt.

Voetafdruk

„Andere krijgsmachteenheden moeten hun mensen of middelen afstaan aan de eenheid die wordt uitgezonden. In die gevallen is de eenheid die deze middelen afstaat incompleet en ondervindt die vervolgens zelf moeilijkheden. De ‘leverende eenheid’ vult soms gaten op door personeel of materieel te betrekken van weer andere eenheden. De voetafdruk die een missie in de krijgsmacht achterlaat, is vaak groter dan de omvang van de missie zou doen vermoeden.”

Ook nu er extra geld bij komt, is die niet zomaar op orde. De coalitie van VVD, CDA, D66 en CU besloot daarom al de missie in Mali per 2019 verder af te bouwen.

Weerslag

„Helaas hebben we moeten concluderen dat de jarenlange bezuinigingen op de krijgsmacht niet zonder gevolgen zijn gebleven”, zo schrijven ministers Blok (Buitenlandse Zaken) en Bijleveld (Defensie) in een reactie. „Daar bovenop hebben we te maken met een verslechterde veiligheidssituatie rondom Europa, denk aan Rusland, Syrië, Irak en de Sahel. Hierdoor wordt ook in de NAVO, EU en VN een groter beroep gedaan op Nederland en onze bondgenoten. Ook dit heeft z’n weerslag op de krijgsmacht.”

Ministerraad

Volgens de ministers heeft het verbeteren van de gereedheid en inzetbaarheid van de krijgsmacht ’hoge prioriteit’. „Het belang hiervan hiervan wordt opnieuw onderstreept. Ook hebben we onze inzet in missies kritisch tegen het licht gehouden.” Naar verwachting besluit de ministerraad komende vrijdag behalve over ’Mali’ ook over uitbreiding van de deelname aan de NAVO-missie in Afghanistan (van 100 naar 160 man), het beëindigen van de missie in Mali en de verlenging van de aanwezigheid van Nederlandse troepen in Litouwen tegen dreiging vanuit Rusland. De operaties bij de Koninklijke Marine tegen illegale migratie en piraterijbestrijding liggen momenteel stil.

Motregen van missies

In 2017 voerde de krijgsmacht 18 militaire missies uit in 17 landen. De hoeveelheid missies vormt volgens de Rekenkamer ’een reëel risico om de basisgereedheid in 2021 hersteld te hebben’. In de Tweede Kamer gaan er al jarenlang stemmen op om het aantal missies terug te brengen.