Nieuws/Binnenland

Jihadisten afwezig bij vonnis, intrekken Nederlanderschap overeind

DE TELEGRAAF

DEN HAAG - De rechtbank in Den Haag velt geen oordeel over de intrekking van het Nederlanderschap en de ongewenstverklaring van twee Syriëgangers. De maatregel was vorig jaar genomen door toenmalig justitieminister Stef Blok om te voorkomen dat ze zouden terugkeren. De bestuursrechter in Den Haag stelt dinsdag deze kwestie niet te kunnen beoordelen, omdat de jihadisten om wie het gaat, afwezig zijn en niet bekend is wat ze zelf willen.

DE TELEGRAAF

Dat betekent dat het besluit van de minister overeind blijft en dat ze Nederland niet in mogen en ook geen rechten hebben die aan het Nederlanderschap verbonden zijn. Volgens de bestuursrechter kunnen betrokkenen het besluit ook nog aanvechten na het verstrijken van de beroepstermijn.

Blok trok in september - voor het eerst - het Nederlanderschap in van vier Syriëgangers en verklaarde ze tot ongewenst vreemdeling. Alle vier zijn spoorloos, een van hen is waarschijnlijk overleden. Ze waren allen al bij verstek veroordeeld tot zes jaar cel voor deelname aan terroristische organisaties en misdrijven. Overigens is een veroordeling niet nodig om het Nederlanderschap in te trekken. Wel moet de betrokkene buiten Nederland zijn. Nederland wil met deze maatregel de nationale veiligheid beschermen.

De bestuursrechter boog zich over twee zaken, die van Anis Z. en Noureddin B. Zij werden op de zitting in mei vertegenwoordigd door twee advocaten, die door de rechtbank waren aangewezen. De advocaten vonden intrekking van het Nederlanderschap onjuist, niet nodig en ook discriminerend, omdat het alleen kan gebeuren bij personen met een dubbele nationaliteit. Z. en B. hebben ook de Marokkaanse nationaliteit.

In de wet is geregeld dat een rechter zich buigt over de rechtmatigheid van de intrekking van het Nederlanderschap.

Bekijk meer van