Nieuws/Binnenland

Haags rapport: ook afsplitsingen

’Nieuwe aanwas’ criminele motorclubs hoofdpijndossier

Een landelijk verbod op No Surrender dreigt.

Een landelijk verbod op No Surrender dreigt.

Foto HOLLANDSE HOOGTE

Den Haag - Nieuwe aanwas is nu de grote zorg in de aanpak van criminele motorclubs. Er zijn supportclubs met leden die de vuile klusjes voor de ’outlaw motorcycle gangs’ opknappen, maar daarnaast zijn er ook nieuwe clubs en afsplitsingen die niet onderschat moeten worden.

Een landelijk verbod op No Surrender dreigt.

Een landelijk verbod op No Surrender dreigt.

Foto HOLLANDSE HOOGTE

Dat staat in het Jaarverslag 2017 van het Regionale Informatie- en Expertisecentrum Den Haag (RIEC), dat burgemeester Pauline Krikke recent naar de Haagse gemeenteraad heeft gestuurd. Ook zijn er zorgen over look-a-likeclubs, die qua opzet en hiërarchie sterk lijken op motorclubs maar dan zonder motorrijden als verbindende factor. Het RIEC is een samenwerkingsverband tussen de 28 regiogemeenten, politie, Openbaar Ministerie, Belastingdienst en andere opsporingsinstanties om de georganiseerde criminaliteit aan te pakken. Landelijk is vanaf 2012 de aanpak van criminele motorclubs speerpunt met recent de verboden op Bandidos en Satudarah. Voor Hells Angels en No Surrender dreigt hetzelfde lot.

In de Haagse regio heeft de politie zicht op elf chapters van motorclubs en een handjevol gelieerde supportclubs. Satudarah is met drie chapters in de meerderheid. Vermoedelijk zijn er tussen de tweehonderd en driehonderd leden, van wie een aantal zich bezighoudt met drugscriminaliteit, geweldsdelicten, afpersing en prostitutie. Ook worden regelmatig vuurwapens gevonden bij aangehouden leden.

Drugslab

Er zijn ondanks de aanpak vorig jaar nogal wat ernstige incidenten geweest. De dubbele liquidatie van vader en zoon van Doorn in Zoetermeer in april 2017 bijvoorbeeld. Het oudste slachtoffer was, zo stelt het RIEC, vermoedelijk betrokken bij criminele activiteiten én lid van een motorclub. Bij de advocaat van No Surrender-kopstuk Klaas Otto werd in zijn Haagse huis een drugslab aangetroffen en in een horecagelegenheid kregen leden van rivaliserende clubs het met elkaar aan de stok met een steekpartij tot gevolg. De burgemeester sloot het woonhuis voor een half jaar en de horecazaak ging voor drie maanden verplicht dicht.

Vorig jaar zijn vijf vermeende clubhuizen gecontroleerd en vier hiervan in een procedure voor sluiting terechtgekomen. Burgemeesters proberen te voorkomen dat de chapters nu horecagelegenheden gaan gebruiken als ’vergaderruimte’.

Voor vijf kopstukken werd onderzocht of ze zich schuldig maakten aan uitkeringsfraude, georganiseerde hennepteelt of hoe hun levensstijl klopte bij het lage inkomen. Er zijn positieve resultaten, zo staat in het jaarverslag, maar inzet blijft nodig. Ook de geldstromen en het ’verdienmodel’ van de clubs kunnen rekenen op extra aandacht.