Nieuws/Binnenland

Onderzoek veiligheid windmolenparken

Arjan Kortus en Daan Kous konden geen kant op toen brand uitbrak in een windturbine in het Zuid-Hollandse Ooltgensplaat.

Arjan Kortus en Daan Kous konden geen kant op toen brand uitbrak in een windturbine in het Zuid-Hollandse Ooltgensplaat.

Foto Persbureau van Eijndhoven

Amsterdam - Vijf jaar na de tragische dood van twee windmolenmonteurs komt er een nieuw onderzoek naar de veiligheid en evacuatiemogelijkheden bij brand en andere noodsituaties in windmolenturbines.

Arjan Kortus en Daan Kous konden geen kant op toen brand uitbrak in een windturbine in het Zuid-Hollandse Ooltgensplaat.

Arjan Kortus en Daan Kous konden geen kant op toen brand uitbrak in een windturbine in het Zuid-Hollandse Ooltgensplaat.

Foto Persbureau van Eijndhoven

In ieder geval ’tot voor kort’ was de aandacht voor veiligheid bij het ontwerp van windmolens op zee ’onvoldoende’, stelt toezichthouder Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) vast.

In de veiligheidseisen die er wel zijn is ’niet helder omschreven’ waar dan aan voldaan moeten worden. „Dat kan en moet beter”, zegt SodM.

Vijf jaar geleden zaten windmolenmonteurs Arjan Kortus (21) en Daan Kous (19) als ratten in de val toen er brand uitbrak in de turbine waarin zij aan het werk waren. Er was geen geschikt evacuatiesysteem voorhanden.

Om aan het vuur te ontsnappen klommen ze op het dak van de turbine. Daar liep hun vluchtweg dood. Brandweer en andere toegesnelde hulpverleners moesten machteloos toezien hoe de jongens uiteindelijk ten prooi vielen aan het inferno.

Schok

Het drama schokte de duurzame energiebranche. Maar veel lijkt er sindsdien niet veranderd, zegt Alinda Kortus, moeder van Arjan, namens de betrokken nabestaanden. „Het ongeluk met Daan en Arjan is al weer vijf jaar geleden. Het is toch wel triest dat er nu nog steeds geen of onvoldoende maatregelen zijn genomen om de veiligheid te waarborgen.”

En dat terwijl brandveiligheid juist bijzondere aandacht vereist, zegt toezichthouder SodM, die spreekt van ’een bijzonder tragische gebeurtenis die we niet moeten accepteren’.

’Plannen nodig’

Het is de toezichthouder overigens niet alleen om brand te doen. Onderhoudsmonteurs moeten veilig hun werk kunnen doen en moeten in geval van nood veilig en snel de molen kunnen verlaten, zegt de SodM, die constateert dat er de komende tijd vele honderden nieuwe windmolens op zee bijkomen.

„En gezien de steeds hogere en grotere molens is snel de molen kunnen verlaten al een risico op zich. Maar ook als bijvoorbeeld iemand een hartaanval krijgt in de molen, moet er een plan klaar liggen waar ook mee geoefend is: hoe snel kan er een helikopter zijn, hoe kan de persoon naar die helikopter vervoerd worden, welk medisch personeel is dan in die helikopter aanwezig enzovoort”, zegt een woordvoerder.

Tekentafel

De toezichthouder pleit er dan ook voor dat de overheid bij aanbestedingen van nieuwe windparken veiligheidseisen voortaan prominent meeneemt. „Dat zal betrokken bedrijven waarschijnlijk extra geld kosten. Maar dat betekent wel dat daar in de ontwerpfase op de tekentafel al over nagedacht moet worden”, aldus een woorvoerder.

Het onderzoek van de SodM, dat aan het einde van dit jaar af moet zijn, is niet het enige. De Inspectie SZW, voorheen bekend als de Arbeidsinspectie, doet een soortgelijk onderzoek, maar dan voor windmolens op land. Dat loopt al sinds de fatale brand waarbij Kortus en Kous omkwamen, maar is nog steeds niet afgerond.

Het Openbaar Ministerie (OM) in Rotterdam rondde eind vorig jaar een strafrechtelijk onderzoek af. Dat leidde niet tot een aanklacht, maar officier van justitie Katja van der Maas uitte destijds wel publiekelijk haar bezorgdheid over de beperkte wet- en regelgeving op dit terrein. Ze heeft het strafdossier daarna overgedragen aan de Onderzoeksraad voor de Veiligheid, zonder dat daaraan overigens een vervolg is gegeven.