Nieuws/Columns

Koopt Theo een huis, koopt Henk een groter huis

Na-ijver, een woord dat in onbruik geraakt is en gemakshalve vervangen is door het woord ’jaloezie’. Wel jammer, omdat het woord ’na-ijver’ meer bijsmaken heeft zoals: vijandigheid, rivaliteit, nijd en afgunst. Na-ijver is daarmee een complexe emotie, maar wel één die veel voorkomt en als geestestoestand in staat is om het eigen leven en dat van anderen compleet te ruïneren.

Het gaat hierbij niet alleen om de na-ijverige levenspartner, iemand die zo bezitterig is dat alleen al een praatje met een passant als onverdraaglijk wordt ervaren. Nee, na-ijver komt ook, met enige regelmaat, voor op de werkvloer. Zo heeft Heleen, als verpleegkundige een nieuwe, vrouwelijke leidinggevende gekregen. Zij heet Josine en Heleen kan in haar ogen niets goeds meer doen. Als Heleen voorstellen doet om haar eigen professionele ontwikkeling te versterken met specialistische bijscholing, zegt Josine: ’Ik zou maar eerst zorgen dat jouw gewone werk voldoende is, voordat je toestemming krijgt om bijscholing te volgen’.

Uit alles blijkt dat Josine in Heleen een medewerkster heeft die leergierig en ambitieus is, waardoor Josine bang is dat ze als leidinggevende voorbijgestreefd zal worden. Uit na-ijver wordt Heleen in haar doen en laten alleen maar door Josine belachelijk gemaakt (’denk maar niet dat je indruk maakt door zoveel uren over te werken’). Heleen staat als ondergeschikte machteloos en kan alleen het vege lijf redden door op te stappen, precies wat Josine het liefste zou zien; één concurrent minder.

Ook in families is na-ijver aan de orde van de dag. Zo kan Henk het niet uitstaan dat zijn oudere broer Theo het zo voor de wind gaat. Koopt Theo een nieuw huis, dan koopt Henk een nog groter huis. Gaat Theo op vakantie naar Nieuw-Zeeland, dan boekt broer Henk een wereldreis. Probleem is alleen dat na-ijverige Henk zo met geld smijt dat hij met zijn aannemersbedrijf uiteindelijk failliet gaat. Het zal niemand verbazen dat Theo bij zijn broer niet meer welkom is. Onbedoeld en ongewild heeft Theo zijn broer Henk tot waanzin gedreven. En dat alleen maar omdat hij simpelweg beter presteert. Zowel het voorbeeld van Heleen als dat van Theo maken één ding heel erg duidelijk: goed presteren is mooi, maar heeft als donkere zijde dat het sterke gevoelens van na-ijver oproept. Zelfs in liefdesrelaties is na-ijver een destructief verschijnsel. Hij kan een fantastische maaltijd op tafel zetten, zij zal toch zeggen: ’Waarom zijn de boontjes zo vettig’.

Goed doen, goed presteren, mooie dingen maken, aardig-zijn voor anderen of even hulp bieden aan iemand die het nodig heeft: het zijn allemaal geweldige kwaliteiten die de ijverige mens karakteriseert. Maar juist die ijver is de opmaat voor na-ijver: een voorspelbare reactie van een mens die zijn medemens geen voorsprong gunt.