Nieuws/Wat U Zegt

Lezers: Jonge fietsers moeten verkeersregels volgen

Uitslag stelling: ’Goed uitkijken onderweg’

Fietsende scholieren zijn ’zwakke’ verkeersdeelnemers, maar hebben wel een eigen verantwoordelijkheid. De meeste stellingdeelnemers menen dat zij goed moeten opletten onderweg en geen oortjes en smartphones op de fiets moeten gebruiken.

Meer dan de helft (57 procent) vindt dan ook dat vrachtauto’s geen schoolroutes hoeven te vermijden nu de scholen weer zijn begonnen. Deze oproep van Veilig Verkeer Nederland (VVN) aan chauffeurs en transportbedrijven wordt afgewezen omdat ’het weren van vrachtauto's niet altijd mogelijk is’. Veel tegenstanders vinden ook dat ’ouders als eerste de verantwoordelijkheid hebben hun kinderen op te voeden en dus ook op de gevaren in het verkeer te wijzen en het goede voorbeeld moeten geven’. Met ’goed uitkijken onderweg’ en ’de verkeersregels in acht nemen’ moeten scholieren zonder al te veel problemen naar school kunnen rijden, denkt menigeen.

De meeste respondenten steunen wel een oproep van VVN aan ouders om hun kind(eren) niet met de auto weg te brengen naar school. Volgens de organisatie wennen schoolkinderen niet snel aan verkeersdrukte als ouders hen wegbrengen en levert dat gevaar op. Veel werkende ouders brengen vaak hun kinderen weg naar de (basis)school en gaan dan door naar hun werk. Daardoor is er sprake van een ’achterbankgeneratie’ die een gebrek aan fietservaring heeft, zo merken veel respondenten op. Veel opposanten denken ook dat ouders veel te makkelijk als ’taxichauffeur’ fungeren voor hun kroost. Zo schrijft iemand: „Wat veel beter helpt, is kinderen naar school te laten fietsen en/of lopen. Ook zouden er geen parkeerplaatsen moeten zijn bij scholen.” Een enkeling vindt dat er een groot verschil bestaat tussen kinderen in de Randstad en in buitengebieden. „In steden worden ze met de auto naar school en naar de sportclubs gebracht en hebben daardoor een achterstand in het omgaan met het verkeer.”

Vele storen zich aan het gedrag van de jonge fietsers. Iedereen kent wel het beeld van slingerende jongens en meisjes die kijkend op hun smartphone en/of met oortjes in c.q. koptelefoon op geen oog hebben voor de overige verkeersdeelnemers. „Ook pubers zelf vormen een gigaprobleem. Ze fietsen met drie of meer naast elkaar. Ze hebben stoer en speels gedrag.” Dat pubers, ook in het verkeer, snel afgeleid zijn en dus niet opletten, wordt door velen herkend. Ongelukken - door speels en/of stoer gedrag - zijn niet altijd te voorkomen, denken de meesten. Toch hebben verkeerslessen voor jongeren volgens de meerderheid wel zin. Niet alleen basisscholen moeten aandacht besteden aan het verkeer, ook in de brugklas zou dit een vast onderdeel van het lespakket moeten zijn. De dode hoek-trainingen, die sommige middelbare scholen namens VVN voor jonge fietsers aanbiedt, wordt door acht op de tien deelnemers omarmd.

Ruim een derde van de respondenten zou graag zien dat (grote) trucks wel worden geweerd van schoolroutes, al is het slechts tijdens de spitstijden. „Kinderen fietsen vaak in groepen en tegenwoordig met de mobiel in hun hand. Ze zijn dus minder alert. We moeten de fietsroutes zo veilig mogelijk voor ze maken.” En een ander valt bij: „Vrachtwagens zijn te vaak bij ongevallen betrokken, met vreselijke gevolgen.”