Nieuws/Buitenland

’Nederlandse’ windsatelliet de ruimte in: nog beter het weer voorspellen

KOUROU - Europa brengt woensdag een nieuwe satelliet de ruimte in. Het is de Aeolus, die komende jaren precies in kaart moet brengen hoe de wind op aarde waait. Op veel plekken is dat namelijk onbekend en dat maakt weersverwachtingen onzeker.

De lancering stond eigenlijk gepland voor dinsdag, maar ging toen niet door. De reden: het waaide te hard.

De Aeolus is vernoemd naar de heerser van de winden in de oude Griekse mythologie. Hij gaat naar een hoogte van 320 kilometer en draait in anderhalf uur tijd een rondje rond de aarde, van de noordpool naar de zuidpool en weer terug. De aarde trekt langzaam onder hem langs, waardoor bij elke baan een ander stuk van de planeet in beeld komt. In een week tijd is de hele planeet in kaart gebracht.

Tijdens de vlucht stuurt de satelliet laserbundels naar de aarde. De dampkring kaatst de stralen terug. Onderweg verandert het signaal door wat de straal tegenkomt. Een speciaal computersysteem kan aan de hand daarvan uitrekenen welke winden de straal onderweg is tegengekomen.

Nederland is ook betrokken bij de missie. Het computersysteem dat de lasermetingen van de satelliet vertaalt naar windgegevens, is gemaakt door het KNMI. De zonnepanelen die de satelliet stroom geven, komen van Airbus Defence and Space in Leiden, dat in het verleden Dutch Space en Fokker Ruimtevaart heette.

De lancering gebeurt vanaf de Europese ruimtebasis in Kourou in Frans-Guyana. Opstijgen staat gepland om 23.20:09 uur Nederlandse tijd. De missie duurt in elk geval drie jaar, en mogelijk nog twee jaar langer.