Nieuws/Wat U Zegt

Deelnemers: Derde publieke zender kan verdwijnen

Uitslag Stelling: NPO kan met minder toe

Mediaminister Arie Slob moet niet toegeven aan de machtige publieke omroep om de opgelegde miljoenenbezuinigingen alsnog terug te draaien. De meeste stellingdeelnemers (84 procent) willen dat de bewindsman de bezuinigingen onverkort handhaaft.

De publieke omroep moet bezuinigen omdat reclame-inkomsten fors teruglopen. Meer adverteerders zoeken hun heil op internet. De NPO probeert in politiek Den Haag begrip te kweken en wil 50 tot 60 miljoen euro claimen als overbrugging totdat de publieke omroep zelf maatregelen heeft getroffen om dalende reclame-inkomsten op te vangen. De meeste stellingdeelnemers vinden dat de korting van circa 62 miljoen euro op een budget van 800 miljoen euro volgend jaar gewoon door de beugel kan, maar zij zijn wel bang dat minister Slob alsnog buigt voor de NPO. „Jazeker moet de NPO bezuinigen, het is ons belastinggeld”, roept een deelnemer fel.

Velen vinden de kwaliteit van de programma’s op de publieke zenders niet om over naar huis te schrijven en klagen over de vele herhalingen. Ze dragen mogelijkheden aan om nog meer te snoeien op het omroepbudget. Zo schrijft een felle voorstander van besparen: „Laten ze beginnen om te bezuinigen op die absurd hoge salarissen.” Ook presentatoren, zoals Matthijs van Nieuwkerk, kunnen wel salaris inleveren. En sommigen zien liever een omroepmodel waarin de publieke zenders minder afhankelijk zijn van belastinggeld. „De NPO moet meer zelf de broek ophouden. Net als de commerciële omroepen.”

De versobering van NPO3 wordt sowieso toegejuicht, maar de meerderheid ziet nog liever dat de derde publieke zender helemaal verdwijnt van de tv en eventueel als online-kanaal verder gaat. De jongerenzender trekt te weinig kijkers, de doelgroep zit vaker op internet. „Twee zenders zijn meer dan genoeg” en „weg met de derde zender, die is volslagen overbodig” klinkt het in de vele reacties. Door het opheffen van NPO3 zou er meer geld kunnen vrijkomen voor de andere twee publieke zenders die dan kunnen inzetten op hoogwaardige informatieve programma’s. Een respondent wil bijvoorbeeld dat het Journaal eens kijkt naar de oosterburen: „Tevens graag betere kwaliteitsjounalistiek, neem een voorbeeld aan ’Tagesthemen’ of ’Heute’ in Duitsland.” En: „Amusement zonder informatieve waarde kan veel beter aan de commerciële zenders worden overgelaten.”

Naast de bezuinigingen wordt er ook geschoven met budgetten om de NPO te moderniseren. Zo krijgen journalistieke programma’s meer kans op internet. De meesten juichen deze ontwikkeling toe.

Toch is één op de zeven deelnemers tegen de korting die de NPO is opgelegd. Een tegenstander betoogt: „Hoe meer er bezuinigd wordt, hoe slechter de programma’s worden. Je komt in een glijdende schaal naar het definitieve einde. Wil je kwaliteit, dan zul je moeten investeren en slimme acties doen. Op deze manier is het een heilloze weg. Je gaat corrigeren op het eindpunt, terwijl je beter aan het begin het anders kunt gaan doen. Zo raak je kijkers kwijt.”

Ondanks kritiek op de programmering kijkt de meerderheid nog steeds regelmatig tv en wordt daarbij weinig onderscheid gemaakt tussen publieke en commerciële zenders.