Nieuws/Buitenland
250554505
Buitenland

Israël zet zes Palestijnse hulpclubs op terreurlijst: sommige ontvingen Nederlandse miljoenensubsidie

Volgens de Israëlische minister van Defensie Benny Gantz zijn de hulporganisaties feitelijk onderdeel van het Volksfront voor de Bevrijding van de Palestina (PFLP), een groepering die ook door de Europese Unie als terreurorganisatie wordt beschouwd.

Volgens de Israëlische minister van Defensie Benny Gantz zijn de hulporganisaties feitelijk onderdeel van het Volksfront voor de Bevrijding van de Palestina (PFLP), een groepering die ook door de Europese Unie als terreurorganisatie wordt beschouwd.

TEL AVIV - Israël heeft zes Palestijnse hulporganisaties tot ’terreurorganisatie’ verklaard, waarvan er een - indirect - door Nederland financieel wordt gesteund. Twee andere ontvingen tot voor kort miljoenen euro’s aan Nederlands ontwikkelingsgeld.

Volgens de Israëlische minister van Defensie Benny Gantz zijn de hulporganisaties feitelijk onderdeel van het Volksfront voor de Bevrijding van de Palestina (PFLP), een groepering die ook door de Europese Unie als terreurorganisatie wordt beschouwd.

Volgens de Israëlische minister van Defensie Benny Gantz zijn de hulporganisaties feitelijk onderdeel van het Volksfront voor de Bevrijding van de Palestina (PFLP), een groepering die ook door de Europese Unie als terreurorganisatie wordt beschouwd.

Volgens de Israëlische minister van Defensie Benny Gantz zijn de ngo’s feitelijk onderdeel van het Volksfront voor de Bevrijding van de Palestina (PFLP), een groepering die ook door de Europese Unie als terreurorganisatie wordt beschouwd.

„Deze organisaties zijn actief als maatschappelijke organisaties, maar in de praktijk vormen ze een tak van het PFLP-leiderschap, wiens belangrijkste doel de bevrijding van Palestina en de vernietiging van Israël is”, aldus een verklaring van het ministerie. Dat stelt verder dat de internationale hulpgelden voor deze groepen, waaronder uit Nederland, onder meer zijn aangewend voor het promoten van terreur.

Lastercampagne

De Palestijnse hulpclubs beschuldigen Israël van een lastercampagne om hen het werk onmogelijk te maken. Zij worden daarin gesteund door internationale organisaties als Amnesty en Human Rights Watch. De Palestijnse Autoriteit in Ramallah zegt dat er sprake is van een Israëlische aanval op het ’Palestijnse maatschappelijk middenveld’.

Ons land is in het verleden al vaker door Israël gewezen op de, volgens dat land, dubieuze banden tussen een serie Palestijnse ngo’s en de PFLP. Nu gaat het een stap verder en verklaart het een deel van deze organisaties zelf tot terreurgroep. Daardoor kan er stevige actie worden ondernomen. Het deed recentelijk al bij twee van hen al een inval.

Geldkraan dichtgedraaid

Aanzet tot het Israëlische optreden was de dood van Rina Shnerb in 2019. Zij kwam om bij een aanslag door de PFLP. Twee verdachten, die nu vastzitten, werkten op het moment van de terreuraanslag bij de Palestijnse landbouworganisatie UAWC en kregen een deel van hun loon betaald uit Nederlandse hulpgelden.

Een van hen, accountant Samer Arbid, wordt er ook van verdacht de afgelopen jaren tot 18 miljoen aan buitenlandse hulpgelden, waaronder uit Nederland, te hebben doorgesluisd naar moslimterroristen. De Nederlandse regering heeft in afwachting van de resultaten van een onderzoek de geldkraan naar het UAWC dichtgedraaid.

De organisatie is nu door Israël tot terreurgroep verklaard. Net als Defense for Children Palestine, dat ons land, via de VN, tussen 2018 en nu zo’n 200.000 dollar gaf. Addameer kreeg tot de zomer van 2018 geld uit Nederland.

Ook Samidoun staat nu op de Israëlische terreurlijst. De organisatie zet zich in voor Palestijnse gevangenen en heeft een Nederlandse tak, die afgelopen voorjaar - tijdens de oorlog tussen Israël en Hamas - door heel ons land protestbijeenkomsten organiseerde.