Nieuws/Binnenland

Ingebroken tijdens crematie: ’Dit is onmenselijk’

1 / 3

Tholen - Wat een waardig afscheid van haar moeder moest worden, is voor Diana Fens geëindigd in een nachtmerrie. Ze hoorde gisteren dat er ingebroken was in de woonwagen van haar moeder Anna, die net gecremeerd was.

1 / 3

Anna Fens-van Poppel stierf vorige week woensdag na een ziektebed. Ze wilde per se in haar woonwagentje in Tholen, die ze al ruim 35 jaar bezat, sterven en niet in het ziekenhuis. Dat gebeurde dan ook. Ze had haar kinderen op het hart gedrukt om direct alle waardevolle spullen uit de woonwagen te halen na haar overlijden, omdat ze bang was voor een inbraak. Ze was immers de laatste maanden altijd thuis geweest. Diana Fens en haar andere kinderen gaven gehoor aan die wens en pakten direct alles van waarde in. Dat bleek gisteren maar goed ook.

„Na de crematie kregen wij een belletje. Twee mannen met bivakmutsen over hun hoofd en een mes in hun handen hadden ingebroken bij mijn zwager. Ze hadden alles opengetrokken, waren op zoek naar iets”, vertelt Diana Fens. „Wij hadden een slecht voorgevoel en zijn direct gaan kijken bij de woonwagen van mijn moeder, het was namelijk wel heel toevallig dat dit tijdens de crematie gebeurde. Ook die woonwagen bleek opengebroken. Alles was overhoop gehaald, maar zo ver wij kunnen inschatten, hebben ze niks meegenomen. Ze zijn ook bij mijn zus binnen geweest, maar ook daar hebben ze niets meegenomen. Het lijkt alsof ze ergens naar op zoek zijn geweest, maar wat dat is, blijft voor ons een raadsel. Mijn moeder had weinig van waarde in huis.”

Wie de daders zijn, weet Diana niet. „Een 49-jarige man uit Roosendaal is aangehouden, de andere inbreker loopt nog vrij rond. Het moeten wel bekenden zijn van onze familie, diegene moet geweten hebben dat de crematie vandaag was en wij dus allemaal niet thuis zouden zijn. Ik wil het echt weten. Voor hetzelfde geld zijn het mensen die regelmatig op de koffie komen bij ons.”

Ze noemt het ’onmenselijk’. „Het is heel bizar, echt triest. Het doet me zo veel verdriet, mijn moeder was zo’n lief mens.” Fens weet niet waar ze het zoeken moet. „Ik zit vast, kan niet huilen, kan niet blij zijn, ik weet het even niet meer. Ik doe de dingen die ik moet doen op automatische piloot.”