Nieuws/Binnenland
2565514
Binnenland

Keurmerk moet verbod op paardrijden voorkomen

AMSTERDAM - De paardensector heeft afgelopen weekend een nieuw keurmerk gelanceerd om te voorkomen dat het paardrijden in Nederland verboden gaat worden. De sector wacht niet af tot de Tweede Kamercommissie voor landbouw, natuur en voedselkwaliteit binnenkort bijeenkomt voor duidelijke richtlijnen.

Terwijl de Penny-meisjes ’oh’ en ’ah’ gillen bij het zien van paarden op Horse Event in de Expo-hallen van Vijfhuizen, wordt op het gelijktijdig georganiseerde ondernemerscongres serieus zakengedaan. De paardensector staat onder druk. Met de Partij voor de Dieren ligt de paardenwereld, die in Nederland goed is voor een economisch belang van ruim 1,5 miljard euro, onder een vergrootglas. De partij maakt zich zorgen om het welzijn van paarden op maneges en pensionstallen. Er gaan zelfs geluiden op om het rijden op paarden te verbieden.

Reeds in 2012 werd op verzoek van de sector en overheid uitgezocht hoe het houden van paarden beter kan. Tot teleurstelling van veel ondernemers waren de uitkomsten van deze Welzijnsmonitor wetenschappelijk goed onderbouwd, maar moeilijk in praktijk te brengen. Het keurmerk dat in 2015 het levenslicht zag, was lastig te implementeren voor paardenbedrijven.

Onder leiding van professor Marianne Sloet van de Utrechtse faculteit Diergeneeskunde heeft de Commissie van deskundigen van de Stichting Welzijn Paard het hernieuwde Keurmerk Paard en Welzijn (KPW) aan een tweede leven geholpen. De insteek is nu puur praktisch.

Paardenwelzijn verbeteren

Sloet: „We hebben hier op Horse Event uitgelegd dat er duidelijke richtlijnen komen over wat een paard nodig heeft aan beweging, stalling en voeding. En hoe je als ondernemer het welzijn van paarden in jouw stal kunt verbeteren, of ze nou van jou zijn of van een klant. Meer dan de helft van de zeshonderd ondernemers stond op om te tonen dat zij hiermee aan de slag willen gaan.”

Een handvol ervaren paardendierenartsen, zonder belangen in de praktijk, gaan paardenbedrijven hoogstpersoonlijk keuren. Sloet: „Zij bekijken de paarden op stal, buiten en tijdens het lopen om zo een goed beeld te krijgen. De eisen staan vast: een paard mag niet langer dan zes uur zonder eten, moet een voldoende grote stal hebben, moet naast zijn gewone werk minimaal een half uur per dag vrij bewegen en altijd andere paarden kunnen zien. Paarden zijn immers kuddedieren. Natuurlijk zijn er uitzonderingen. Een paard met een ernstig peesprobleem moet boxrust hebben. Als een keuze goed te onderbouwen valt, is dat prima.”

Begin 2019 moeten de eerste tien bedrijven een keurmerk hebben. Alle in de Sectorraad Paarden zittende organisaties hebben hun medewerking toegezegd. Sloet: „Dit keurmerk wordt breed gedragen. We hopen, mede door de politieke aandacht voor welzijn, dat zoveel mogelijk ondernemers erover nadenken mee te doen.”

Sloet benadrukt dat het KPW een keurmerk is dat zich richt op huisvesting, voeding, gezondheid en gedrag op stal of in de wei. „Kijk, wij weten al veel over het houden van paarden, maar er is nog veel wetenschappelijke onderzoek mogelijk naar bijvoorbeeld het rijden van paarden. Het kan dus zijn dat de eisen van het keurmerk in de toekomst verder ontwikkelen. Voorop staat het welzijn van onze paarden.”