Nieuws/Binnenland

Elektrische bakfiets in de ban

Stint mag weg niet meer op

Aldo Alessie

Amsterdam - De Stint is voorlopig niet meer welkom op de Nederlandse wegen vanwege mogelijke veiligheidsrisico’s. Minister Van Nieuwenhuizen (Infrastructuur) heeft na voorlopig onderzoek van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), het NFI en de politie bepaald dat alle elektrische bolderkarren vanaf middernacht tot nader order moeten stil blijven.

Aldo Alessie

Op 20 september botste in Oss een Stint op een trein. Daarbij kwamen vier kinderen om het leven. De leidster en een vijfde kind raakten zwaargewond.

Uit de eerste onderzoeksresultaten blijkt dat de Stint stil kan vallen of niet meer remt. In een document van de ILT staat dat een stroomkabel kan breken, waardoor de Stint versnelt terwijl de gashendel niet meer werkt. De hardrem is dan niet sterk genoeg om de Stint te stoppen en alleen door het contact om te draaien, komt de kar dan tot stilstand. ,,Dit is in een panieksituatie geen natuurlijke handeling’’, aldus het ILT-document.

Bovendien zou door de dikke kabels van de kar stroom lopen, waardoor die heet wordt. Nog wordt bekeken of dat kan zorgen voor het losraken van het draad. Ook zou het bedrijf dat de Stint bouwt op eigen initiatief de kar hebben veranderd, zonder die opnieuw te laten keuren.

De ILT heeft dankzij de politie verschillende dossiers in handen van bedrijven die problemen hadden met Stints. De verhalen uit die dossiers komen overeen met de bevindingen uit het eerste onderzoek.

’Paniekvoetbal’

Dat de Stint de weg niet meer op mag, is een voorzorgsmaatregel, aldus het ministerie. Dat ziet ook in dat de maatregel tot praktische problemen kan leiden bij veel kinderdagverblijven, die de Stint gebruiken om kinderen te vervoeren en morgen plots een andere oplossing nodig hebben.

De eigenaar van Stint, Edwin Renzen, vreest dat dit het einde van zijn bedrijf betekent, maar ook van andere bedrijven die volledig afhankelijk zijn van de Stint. Hij ziet de actie van de ILT als paniekvoetbal.

,,Dat laat ik helemaal voor zijn rekening’’, aldus Van Nieuwenhuizen. ,,Het is een heel ingrijpend besluit, dat heb ik echt niet zomaar of ondoordacht genomen. Ik vind het niet verantwoord om ze op de weg te laten als het nota bene gaat om stilvallen dan wel niet meer remmen. Als daar twijfels over zijn kun je niet anders dan schorsen.”

De fabrikant had de wijzigingen moeten melden bij het ministerie, zegt zij. Het is nog niet duidelijk wat de consequenties zijn. “Bij de goedkeuring van het voertuig stond in de brief dat hij te allen tijde er voor moest zorgen dat in vormgeving dan wel technische specificaties, wijzigingen nog steeds aan alle eisen moeten voldoen. Wij hebben dat niet kunnen controleren, die bewijslast ligt echt bij hem. Misschien heeft hij daar ergens rapporten van, maar wij kennen ze niet.”

Vermogen

Renzen bevestigt dat de Stint is doorontwikkeld na de eerste keuring in 2011. Toen bepaalde de minister dat de elektrische kar waar maximaal tien kinderen in vervoerd kunnen worden, de weg op mocht. Hij ontkent dat de Stint opnieuw gekeurd had moeten worden, omdat er geen sprake is van een nieuw voertuig. ,,Het is niet alsof we een nieuwe aandrijving hebben gebouwd.’’

Wel is bijvoorbeeld het vermogen van de kar iets verhoogd. Een Stint met een kleiner chassis is nooit in productie genomen, zegt Renzen.

Er lopen meerdere onderzoeken naar de Stint naar aanleiding van het ongeluk. Een woordvoerder van de ILT wil niet vooruitlopen op de resultaten. De Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OVV) is nog bezig met een voorlopig onderzoek, en bepaalt op zijn vroegst volgende week of er een vervolgonderzoek komt. Ook de politie bekijkt het ongeluk.

Minister Van Nieuwenhuizen had dat ongeluk het liefst voorkomen, zegt ze op de vraag of die ramp nodig was voor onderzoek naar vervoersmiddelen op de Stint. Ze laat dan ook de hele categorie bijzondere bromfietsen nog eens doormeten. ,,Dat is met de kennis van nu, want er zijn bijvoorbeeld ook voor bromfietsen en tractoren nog geen Apk-vereisten. In die zin kan het geen kwaad om alles nog een keer te herijken. Feit is dat er op dit moment geen regelgeving voor is.”