Nieuws/Binnenland
2648701
Binnenland

Betere regulering van vocht door sensormeting

Hoop voor ernstig verbrande patiënten

Traumachirurg dr. Kees van der Vlies van het Brandwonden Centrum Rotterdam

Traumachirurg dr. Kees van der Vlies van het Brandwonden Centrum Rotterdam

ROTTERDAM - Nederlandse brandwondenartsen denken de genezing van ernstig verbrande patiënten te kunnen bespoedigen met een betere vochthuishouding.

Traumachirurg dr. Kees van der Vlies van het Brandwonden Centrum Rotterdam

Traumachirurg dr. Kees van der Vlies van het Brandwonden Centrum Rotterdam

Nu nog overlijden jaarlijks enkele tientallen slachtoffers aan een zogeheten ’brandwondenshock’. Dat is een toestand waarbij in de kritieke fase acuut een grote hoeveelheid levensnoodzakelijk vocht verdwijnt via de bloedvaten en verwondingen. Samen met het ontstaan van oedeem in niet verbrande delen ontregelt dit het lichaam van de patiënt, waardoor deze ernstig ziek wordt en diens kansen afnemen om dit trauma te overleven.

Het brandwondencentrum in Rotterdam onderzoekt nu het toedienen van de juiste hoeveelheid vocht (een fysiologische zoutoplossing) bij een groep van zo’n tachtig patiënten. Met behulp van een speciale sensor onder de tong van de patiënt kan de doorbloeding worden gemeten tot in de allerkleinste haarvaten van het lichaam. Bovendien wordt ook met een laser gekeken of daardoor brandwonden sneller - en met minder littekenvorming - herstellen.

„Het meten van deze doorbloeding (of circulatie op microniveau) helpt bij de genezing van brandwonden en zou niet alleen tot een korter verblijf op de Intensive Care kunnen leiden, maar ook tot minder littekenvorming”, denkt traumachirurg dr. Kees van der Vlies van het Brandwondencentrum in het Maasstad Ziekenhuis in Rotterdam. Hij vertelt dat de sensormeting is afgeleid van de al bestaande bepaling van ernstige sepsis (bloedvergiftiging) die levensbedreigend kan zijn.

Elk jaar worden in Nederland 700 tot 800 personen door een ernstig brandwondenongeval getroffen, waarna zij opgenomen worden in één van de drie Nederlandse brandwondencentra in Beverwijk, Rotterdam of Groningen. Zo’n 9000 personen komen per jaar terecht op afdelingen voor spoedeisende hulp, 92.000 mensen worden door een huisarts behandeld na het oplopen van een brandwond.

Hoopvol

De naar verwachting twee jaar durende studie naar de brandwondenshock of ’hypovolemische shock’ pakt meteen een wereldwijd behandelprobleem aan. „Onder- of overdosering van vocht leidt namelijk tot immense moeilijkheden. En een goede methode om dit te meten was er tot nu toe niet”, stelt Van der Vlies, die de studie samen leidt met de klinisch fysioloog prof. dr. ir. Can Ince van het Erasmus MC in Rotterdam.

Met een betere regulering van vocht behoudt de patiënt vitale functies, zoals hartslag, ademhaling, temperatuur en bloeddruk en vermindert ook de vochtophoping. De twee onderzoekers zijn hoopvol over de goede kans van slagen van hun onderzoek in het belang van een voorspoediger herstel van brandwonden.