Nieuws/Binnenland

Taakstraffen en celstraf geëist tegen blokkeerfriezen

LEEUWARDEN - De 34 Friezen die op 18 november vorig jaar de snelweg A7 blokkeerden, hebben het recht op demonstratie van de anti-zwarte Pietdemonstranten „om zeep geholpen”, en hadden „oogkleppen op. Ze hielden geen rekening met andere weggebruikers.” .

Dat zeiden de officieren van justitie Inge Schepers en Peter van der Spek vanmorgen in de rechtbank van Leeuwarden, waar ze forse taakstraffen eisten tegen de ’blokkeerfriezen’. De Friezen beroepen zich op hun vrije meningsuiting, maar blokkeerden datzelfde recht van anderen door een snelweg af te sluiten en te verhinderen dat de drie bussen Dokkum zouden bereiken, waar de nationale Sinterklaasintocht plaatsvond. Het Openbaar Ministerie vindt dat „ernstige strafbare feiten.”

Tegen het boegbeeld van de blokkade, Jenny Douwes, werd een taakstraf geëist van 240 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden. De andere blokkeerders hoorden taakstraffen tegen zich eisen van 80 , 120, 150 en 240 uur. Tegen één blokkeerfries eiste het Openbaar Ministerie een gevangenisstraf van een half jaar, waarvan de helft voorwaardelijk. De hoogte had vooral te maken met een eerdere veroordeling.

Het OM was uiterst kritisch op de rol van Jenny Douwes, die de aanzet gaf tot de blokkade, maar er niet de verantwoordelijkheid voor nam. „Een boegbeeld zonder schip”, noemde OvJ Vd Spek haar.

Voor de verdachten op de publieke tribune was het requisitoir van de OvJ’s merkbaar een slijtageslag. Waren ze aan het begin nog in een jolige stemming, in de loop van de dag sloeg de vermoeidheid toe, en werd er af en toe luidkeels gegeeuwd.

Volgens de OvJ was de actie op de A7 op 18 november „de meest besproken blokkade van het land.” Het verhevigde de landelijke discussie over zwarte Piet, zei Vd Spek. „Maar deze zaak gaat helemaal niet over zwarte Piet”, benadrukte de OvJ. „De zaak gaat om de vrijheid van meningsuiting, een van de fundamenten van onze democratische rechtsstaat. Zelfs als je denkt dat je volledig gelijk hebt, dan geeft dat niemand het recht om de vrijheid van meningsuiting van anderen te beknotten.”

De Friezen gingen over de schreef en dat moet volgens de OvJ’s worden vervolgd en bestraft, „juist omdat we dat grondrecht van vrije meningsuiting zo belangrijk vinden.”

De politie verdient met het optreden die dag een compliment, reageerde OvJ Schepers op de kritiek van Kick Out Zwarte Piet. Volgens KOZP gedroegen de politiemensen zich „amicaal” tegenover de blokkeerders, en negeerden ze de demonstranten in de bussen. Dat die zich in de steek gelaten voelden „is invoelbaar”, zei Schepers. Maar volgens haar hadden de agenten de opdracht om in een grimmige sfeer escalatie te voorkomen tussen twee groepen die lijnrecht tegenover elkaar stonden, en deden ze dat uitstekend.

Volgens het OM gaat de vergelijking met andere blokkades die niet tot vervolging leidden, niet op. De politie die in 2015 een langzaamaanactie voerde op de snelwegen, had dat lang tevoren aangekondigd, aldus de OvJ’s. Automobilisten konden weten waar de opstoppingen zouden ontstaan, en af en toe werden auto’s doorgelaten.

Ook de vergelijking met de korte, gedeeltelijke blokkade van de Erasmusbrug in Rotterdam door anti-zwarte Pietdemonstranten tijdens de Sinterklaasintocht, gaat mank volgens de OvJ’s. Eén rijbaan was nog steeds open, en de brug ligt binnen de bebouwde kom. De Friezen blokkeerden een snelweg waar 130 mocht worden gereden, en waar automobilisten op zaterdagochtend vroeg niet rekenden op een file. De OvJ’s: „De blokkeerders veroorzaakten een gevaarlijke situatie.” Dat niet alleen, de Friezen hebben de maatschappelijke discussie over zwarte Piet met hun actie op scherp gezet, aldus de OvJ. Daarnaast is de Friese identiteit door de blokkade „een thema geworden in deze zaak. Die hebben ze gebruikt om hun strafbare acties kracht bij te zetten.” Volgens het OM spreken de 34 blokkeerders niet namens alle 650.000 Friezen, „van wie er meerdere het schaamrood op de kaken kregen door deze actie.”

Bekijk meer van