Nieuws/Binnenland

’Volume nodig om mee te kunnen spelen in Europese spoorsector’

’NS moet naar buitenland’

Een trein van Abellio in het Verenigd Koninkrijk.

Een trein van Abellio in het Verenigd Koninkrijk.

Delft - NS kan niet meer zonder treinen in andere Europese landen. Anders dreigt Nederland te worden overlopen door buitenlandse spoorconcurrenten. „Maar het is wel een politieke afweging hoever die financiële risico’s moeten gaan.”

Een trein van Abellio in het Verenigd Koninkrijk.

Een trein van Abellio in het Verenigd Koninkrijk.

Dat zegt transportprofessor Bert van Wee (TU Delft) in reactie op recente verliezen van een paar Britse NS-concessies. „Over de hele linie blijven onze activiteiten in het Verenigd Koninkrijk en Duitsland winstgevend. De risico’s zijn beheersbaar en afgesproken met de minister van financiën”, aldus een NS-woordvoerder.

Het gaat Van Wee te ver om te stellen dat NS zonder Britse en Duitse lijnen ten dode zou zijn opgeschreven. „Het is wel belangrijk om te leren van die markten en meer ervaring op te doen met biedingen, zodat NS zich kan wapenen tegen de concurrentie bij aanbestedingen op het Nederlandse spoornet. De reiziger profiteert van betere producten”, vindt hij.

De verhitte discussie over de al dan niet noodzakelijke buitenlandse avonturen van NS gaat ook in Den Haag door. De meningen verschillen. Volgens NS maken afgewogen diensten over de grens de groep rendabeler. „Volume is nodig om volwaardig mee te kunnen spelen in de Europese spoorsector.”

Uit het NS-jaarverslag van 2017 blijkt dat twee miljard van de ruim vijf miljard omzet voor rekening kwam van ’buitenland-dochter’ Abellio. Die nam 53 miljoen euro van het kale bedrijfsresultaat van 131 miljoen voor haar rekening. Puur het Nederlandse hoofdrailnet leverde nauwelijks winst op.

NS moet in Groot-Brittannië aan Abellio een lening van 54 miljoen euro verstrekken om verliezen af te dekken en verder te investeren. „Dat is geen belastinggeld, maar zal tegen 8 procent rente worden terugbetaald”, aldus de zegsman. „Door risicospreiding zijn er geen grote problemen. We blijven in het Verenigd Koninkrijk en Duitsland verdienen, ondanks af en toe een tegenvaller.”