Nieuws/Binnenland
2727234
Binnenland

Synchroon is toverwoord in Dance as one op zaterdag

’Horrorcamera’ in dansprogramma ziet alles

Timor Steffens: „Alle juryleden zijn even streng maar rechtvaardig.”

Timor Steffens: „Alle juryleden zijn even streng maar rechtvaardig.”

Dansprogramma’s op de Nederlandse tv: Timor Steffens is er maar druk mee. Zagen we de choreograaf de afgelopen maanden als jurylid in Dance dance dance (RTL 4), vanaf zaterdag geeft hij feedback aan dansgroepen in de SBS6-show Dance as one. „Hier is geen ontsnapping mogelijk.”

Timor Steffens: „Alle juryleden zijn even streng maar rechtvaardig.”

Timor Steffens: „Alle juryleden zijn even streng maar rechtvaardig.”

In het programma, gepresenteerd door Nicolette van Dam en de Vlaming Niels Destadsbader, gaat de strijd tussen in totaal twintig dance crews uit Nederland en België. De dansers zijn afkomstig uit alle disciplines van de dans: van hiphop tot klassiek en van modern tot latin. De jury, die naast Steffens bestaat uit Jan Kooijman en Laurien Decibel, bekijkt welke groepen het meest vlekkeloos synchroon kunnen dansen. Tijdens de uitvoering met hun mededansers én in vergelijking met hun eigen eerdere optreden.

„De opdracht is net zo moeilijk als hij simpel is: je moet jezelf nadoen”, vertelt Steffens die bekend werd na zijn deelname aan So you think you can dance in 2008 en met onder meer Michael Jackson, Madonna en Chris Brown werkte. „De crews moeten hun eigen optreden exact nadoen. Een foutje wordt zo een officieel onderdeel van de dans. Plaatste die ene danseres vooraan in de eerste performance haar voet iets te veel naar rechts, dan moet ze dat de tweede keer opnieuw doen. Ook belangrijk is dat de groepen dezelfde energie ’s middags in een lege zaal geven als later op de dag voor de jury en het publiek.”

Synchroon dansen is in elke stijl, van klassiek ballet tot hiphop, belangrijk, legt Steffens uit. „Bij het Nationaal Ballet moet het ensemble synchroon dansen zodat de solist kan shinen. Het leidt af als iemand zijn draai net niet even lekker maakt. Ook bij een optreden van iemand als Beyoncé moet de groep dansers exact hetzelfde doen zodat de artiest eruit kan springen.”

Bij de beoordeling hebben de juryleden een genadeloos middel tot hun beschikking: de slomo cam. „We noemen die camera ook wel de ’horror cam’”, vertelt Steffens met een lach.

Ontsnappen is onmogelijk

„Tijdens de uitvoeringen kunnen wij zowel goede als slechte momenten van het optreden vastleggen en later analyseren met de deelnemers. Als we een mooie salto zien, drukken we op de groene knop, loopt er iets niet zo lekker dan klikken we op rood. Deze beelden helpen ons bij het geven van commentaar. We kunnen zelfs een cirkeltje zetten om bijvoorbeeld die jongen links die iets afwijkends deed. Er is geen ontsnapping mogelijk. Op deze manier kunnen ook de mensen thuis meekijken in ons hoofd. Zo kunnen we uitleggen waarom we iets wel of niet goed vinden. Bij zang hoor je thuis ook wel of het vals is of niet. Maar als je geen verstand hebt van dans, kan je foutjes al snel over het hoofd zien omdat iemand zo’n leuke kop trekt. En vervolgens roepen bij een kritisch jurycommentaar: ’waar sláát dat op ?’”

Het programma, waarin de winnaars er met 50.000 euro vandoor gaan, wordt ook uitgezonden op VTM. In een voorproefje valt het uitgebreide commentaar van Jan Kooijman op. Grappend wordt de dansers de suggestie aan de hand gedaan om na afloop diens auto te bekrassen, maar in de praktijk zijn alle juryleden even streng maar rechtvaardig, betoogt Steffens.

"Foutje wordt onderdeel van de dans"

In Nederland zijn Jan Kooijman en Timor Steffens de twee namen die direct opduiken als je het over dans en televisie hebt. Maar van concurrentie tussen de heren is geen sprake. „Jan en ik kennen elkaar al veel te lang om rivalen te zijn”, lacht hij. „Ik ben heel blij met mijn beide medejuryleden. Ze zeggen weleens dingen waarvan ik denk: tof, daar heb ik niet op gelet. Of: dat is ook een manier om ernaar te kijken. En soms ben ik het niet eens met hun commentaar, en ook dat is alleen maar leuk.”