Nieuws/Binnenland

Kinderopvang baalt van ’traag’ Stintonderzoek

,,Dit duurt te lang en staat een verbeterplan in de weg”, vindt de branchevereniging.

,,Dit duurt te lang en staat een verbeterplan in de weg”, vindt de branchevereniging.

ANP

UTRECHT - De Branchevereniging Kinderopvang baalt dat het onderzoek naar de risico’s van de Stint nog zeker twee maanden moet duren. Dat laat de organisatie weten naar aanleiding van de uitspraak van donderdag in het kort geding rond de elektrische bolderkar.

,,Dit duurt te lang en staat een verbeterplan in de weg”, vindt de branchevereniging.

,,Dit duurt te lang en staat een verbeterplan in de weg”, vindt de branchevereniging.

ANP

„We begrijpen dat de ’oude Stint’ voorlopig geschorst blijft, maar hebben grote moeite met het lange wachten op de onderzoeksuitkomsten van het ministerie. Dit duurt te lang en staat een verbeterplan in de weg”, vindt de branchevereniging. Er liggen namelijk verbeterplannen voor de elektrische bolderkar, waardoor eventuele risico’s zouden worden verholpen. De producent van de Stint, die deze week faillissement aanvroeg, had samen met onder meer de Technische Universiteit van Eindhoven een plan opgesteld om de elektrische bolderkar te verbeteren.

Toch blijft de Stint zeker tot het einde van het jaar langs de kant staan, omdat het onderzoek tot dan duurt. De rechter besloot vandaag dat minister Van Nieuwenhuizen terecht het besluit nam om de toelating tot de weg van de elektrische kar te schorsen. Dat deed ze op basis van een voorlopig onderzoek van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), ongeveer anderhalve week na een ongeluk in Oss dat aan vier kinderen het leven kostte.

De minister vindt het erg vervelend voor veel gebruikers van de Stint dat de tijdelijke schorsing in stand blijft. „Maar voor mij staat de veiligheid echt voorop. We sluiten geen compromissen als het gaat om veiligheid”, aldus Van Nieuwenhuizen.

Ook Van Nieuwenhuizen wil dat snel duidelijk is op de Stint de weg op kan, en hoe dat dan moet. „Daar hebben we de uitkomsten van het nu lopende onderzoek van TNO voor nodig”, zegt ze over het onderzoek dat het instituut nu doet. „Totdat die uitkomsten bekend zijn, neem ik dan ook geen besluit. Ik verwacht de uitkomsten van het TNO-onderzoek rond de jaarwisseling. Dat is het eerste moment waarop ik mij zal beraden op de volgende stappen.”