2814865
Binnenland

’Huiselijk geweld heftiger dan gedacht’

In meer dan de helft van de onderzochte gezinnen zijn de kinderen zowel getuige van het geweld tussen hun ouders als zelf slachtoffer van mishandeling of verwaarlozing.

In meer dan de helft van de onderzochte gezinnen zijn de kinderen zowel getuige van het geweld tussen hun ouders als zelf slachtoffer van mishandeling of verwaarlozing.

DEN HAAG - Huiselijk geweld in Nederland is veel heftiger dan tot nu toe werd aangenomen. Ook zijn de gevolgen voor kinderen ernstiger dan gedacht, constateert het Verwey-Jonker Instituut op basis van eigen onderzoek.

In meer dan de helft van de onderzochte gezinnen zijn de kinderen zowel getuige van het geweld tussen hun ouders als zelf slachtoffer van mishandeling of verwaarlozing.

In meer dan de helft van de onderzochte gezinnen zijn de kinderen zowel getuige van het geweld tussen hun ouders als zelf slachtoffer van mishandeling of verwaarlozing.

Uit het onderzoek blijkt dat in gezinnen die bekend zijn bij Veilig Thuis, een meldpunt voor huiselijk geweld en kindermishandeling, geregeld geweld plaatsvindt. Per gezin gaat het om gemiddeld 71 geweldsincidenten per jaar, voorafgaand aan de melding bij Veilig Thuis. „Dat is dus meer dan één keer per week. In bijna alle gezinnen speelt het geweld al ruim een jaar”, aldus het onderzoeksinstituut.

Daarbij gaat het om partnergeweld en direct geweld tegen kinderen. In meer dan de helft van de gezinnen zijn de kinderen zowel getuige van het geweld tussen hun ouders als zelf slachtoffer van mishandeling of verwaarlozing. Vier op de tien van deze kinderen kampen met traumatische klachten.

Armoede, werkeloosheid en alcoholgebruik spelen vaak een rol bij het huiselijk geweld. Zo is in bijna de helft van de gezinnen sprake van armoede. Bij meer dan 40 procent van de mannen en 30 procent van de vrouwen is sprake van problematisch alcoholgebruik.

Het onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut loopt nog tot 2021, waarbij ruim 1200 ouders en 1550 kinderen zijn betrokken. Volgens het instituut gaat het om een representatief onderzoek.