Nieuws/Buitenland
28346232
Buitenland

EU adviseert lidstaten: stel een avondklok in

BRUSSEL - Alle EU-landen zouden er goed aan doen een avondklok in te voeren, vindt de Europese Commissie. Ook moeten ze nadenken over een langere kerstvakantie. Dat moet voorkomen dat de feestdagen een nieuwe coronagolf in gang zetten. Het versoepelen van de coronamaatregelen raadt het dagelijks bestuur van de EU ernstig af.

De najaarsgolf zwakt wat af, constateert de commissie in een reeks aanbevelingen die ervoor moeten zorgen dat de lidstaten één lijn trekken in de strijd tegen de coronapandemie, maar het virus gaat nog steeds veel rond. Daarom „is het moeilijk om het versoepelen van beheersingsmaatregelen te rechtvaardigen.” De Europeanen staan voor een paar „zware maanden” en „heel andere feestdagen dan anders”, waarschuwt zij.

Om te voorkomen dat Kerstmis en oud en nieuw het virus weer een slinger geven, kunnen mensen elkaar ook tijdens de feestdagen beter zo weinig mogelijk opzoeken. Wil een EU-land bijvoorbeeld toch meer gasten toelaten bij het kerstdiner, dan moeten zij voor- en nadien minstens een week in quarantaine. En voer dan ’bubbels’ in, zodat mensen steeds met dezelfde anderen in aanraking komen en het virus niet breder kunnen verspreiden, adviseert het dagelijks bestuur van de EU. Verder zouden EU-landen een avondklok moeten invoeren, als ze dat nog niet hebben gedaan.

’Coronamoeheid’

Het duurt hoe dan ook nog wel even voor Europeanen in groten getale kunnen worden ingeënt, stelt de commissie vast. Om het virus er de komende „moeilijke maanden” onder te houden, moet Europa niet wéér te snel zijn verdediging laten zakken, zoals in de zomer gebeurde. En testen en het opsporen van mogelijk besmette personen blijft voorlopig cruciaal. Lidstaten moeten er dan ook voor zorgen dat er genoeg tests en nabellers zijn.

Maar alles staat of valt met de medewerking van burgers, erkent de commissie. Ze heeft alle begrip voor coronamoeheid, maar die is wel heel gevaarlijk. Daarom moeten lidstaten heel gerichte en plaatselijke maatregelen nemen, om zo min mogelijk mensen onnodig te treffen. En de regels beter uitleggen, door bijvoorbeeld duidelijker te maken wat er misgaat als een knellende maatregel niet wordt nageleefd. Verder zouden ze in meer psychologische hulp moeten voorzien.