Nieuws/Binnenland
28444158
Binnenland

Enquête: we zijn niet doordrongen van ernst situatie

’Nederland prooi voor corona door slechte hygiëne’

Waarschuwingsborden tegen verspreiding van het coronavirus. Veel Nederlanders blijken daar nog veel van te kunnen opsteken.

Waarschuwingsborden tegen verspreiding van het coronavirus. Veel Nederlanders blijken daar nog veel van te kunnen opsteken.

Amsterdam - Nederlanders zijn niet genoeg doordrongen van de adviezen om de verspreiding van het coronavirus in te dammen.

Waarschuwingsborden tegen verspreiding van het coronavirus. Veel Nederlanders blijken daar nog veel van te kunnen opsteken.

Waarschuwingsborden tegen verspreiding van het coronavirus. Veel Nederlanders blijken daar nog veel van te kunnen opsteken.

Inwoners van ons land hebben een enorm gat in hun kennis over het nieuwe virus, dat al meer dan honderd levens eiste in ons land. En als ze de kennis wel hebben, gedragen ze zich er niet naar. Dat blijkt uit een onderzoek onder 15.000 Nederlanders dat het Amsterdam UMC met De Telegraaf heeft uitgevoerd.

Tachtig procent van de bevolking wast de handen niet lang genoeg, waardoor het virus aan de handen blijft zitten. Zo’n zeventig procent is zich onvoldoende bewust dat het aanraken van het gezicht ook kan zorgen voor nesteling van het virus. En meer dan de helft gaat nog steeds naar openbare plekken met meer dan twintig personen bij elkaar; jongeren knuffelen en schudden handen zo’n vijf keer per dag.

’Onthutsend’

Onderzoekers Leonard Hofstra en Hamza Yousuf noemen de cijfers ’onthutsend’ gezien de ernst van de crisis. „Nederland is een prooi voor corona door slechte hygiëne. In de afwezigheid van een vaccin of medicijn tegen corona, is het verbeteren van gedrag ons belangrijkste wapen tegen het virus.”

De onderzoekers draaien er niet omheen: „Het kan echt nog stukken beter. En dat moeten we gaan doen als we echt willen proberen het virus in te dammen. We moeten ons committeren aan de nieuwe hygiëne.”

Het onderzoek, waaraan ook Dan Ariely (Duke University USA, expert op het gebied van aansturen van gedrag) meewerkte, laat weliswaar een beetje goed nieuws zien. Bij hoesten en niezen bijvoorbeeld wordt massaal de elleboog of keukenpapier gebruikt. „Gelukkig heeft dit aspect van voorlichting al heel goed gewerkt”, stellen Hofstra en Yousuf.

Nagelbedden

Maar verder is het niet goed gesteld met kennis en gedrag. Handen wassen bijvoorbeeld is een probleem. „We doen het niet goed genoeg. 75% wast niet op alle aanbevolen plekken. We wassen wel de handrug, de vingers en tussen de vingers. Maar een derde wast niet de polsen en rond de nagelbedden. De helft wast niet onder de nagels. Slechts 1 op de 3 wast de handen lang genoeg. Zo’n 4000 van de 15.000 ondervraagden wassen de handen minder dan tien seconden.”

"75% wast niet op alle aanbevolen plekken"

En al hebben we het niezen in de elleboog onder de knie, daarmee is het verhaal niet af: „Meer dan 80% niest in de elleboog, maar de helft wast daarna niet de handen. En er zijn er nog duizenden die in de hand niezen. Het goede nieuws is dat we massaal papieren zakdoekjes en keukenpapier gebruiken.”

Iets anders waar weinig bij wordt stilgestaan, is het gezicht. „Ruim 70% van de bevolking is zich er niet van bewust wanneer het gezicht wordt aangeraakt of is er niet genoeg mee bezig om te voorkomen dat het gezicht wordt aangeraakt. Bij het gezicht aanraken kunnen de vingers het virus via de ogen en mond overbrengen.

Linkerhand

Erik Scherder, hoogleraar neuropsychologie aan de Vrije Universiteit, verklaart waarom we eigenlijk zo veel aan ons gezicht zitten. „We blijken dat vaak met de linkerhand te doen. Onze linkerhand is gekoppeld aan onze rechterhersenhelft. Door het gezicht aan te raken, activeren we die gebieden in de rechterhelft waar de emoties zitten. Het aanraken is dus een emotionele trigger. Dat afleren is lastig, maar het helpt als je elkaar er voortdurend op wijst.”

Wat ook maar slecht lijkt door te dringen, is het belang van groepen mensen vermijden. „Meer dan de helft van de ondervraagden gaat toch naar plaatsen waar meer dan twintig mensen bij elkaar zijn. Jongeren hebben gemiddeld nog steeds vijf keer per dag fysiek contact, zoals handen schudden en knuffelen.”

"Jongeren hebben gemiddeld nog steeds vijf keer per dag fysiek contact"

Scherder: „Hoe komen de mensen op het idee om toch nog opeengepakt bij elkaar in een groep te gaan staan?! Als je naar de supermarkt gaat, kun je prima anderhalve meter afstand houden van andere mensen. Maar je gaat toch niet alsnog naar een feest?! Ik vond het verbazingwekkend dat de cafés en terrassen vol zaten na de eerste aangekondigde maatregel. Kennelijk was het nodig dat het afgedwongen werd; de sluiting van cafés en restaurants was nodig.”

Slordig

Als geheel noemt hoogleraar Scherder de uitkomsten van de enquête ’indrukwekkend en zorgelijk’. „Waarom nemen we de informatie niet op? Waarom zijn we zo slordig? Het antwoord is: omdat we altijd slordig deden. En dat slordige gedrag is moeilijk te veranderen. Kennelijk is de epidemie nog niet het belangrijkste voor de mensen. Er zijn nog te veel personen die denken: ’Ik ben jong en het treft toch alleen de zwakkeren en ouderen’. Maar het bewustzijn dat je juist voor die kwetsbare anderen je gedrag moet veranderen, is er nog niet.”

"Bewustzijn dat je juist voor die kwetsbare anderen je gedrag moet veranderen, is er nog niet"

Er zijn volgens de neuropsycholoog vier elementen nodig die gedragsverandering van een groep kunnen bewerkstelligen.

„Nummer 1 is dat je je bewust wordt van wat er aan de hand is. Dat je snapt dat maatregelen, zoals goed handen wassen volgens de regels, echt noodzakelijk zijn om de besmettingen in te dammen.”

Deurklink

„Nummer 2 is dat de omgeving mee moet doen: als ik in een openbaar toilet mijn handen was, doe ik de kraan dicht met papier, niet weer met de hand; en ook de deurklink pak je met papier vast. Iedereen moet dat doen, de hele omgeving. Ik wil geen man meer zien in het toilet die zijn handen niet wast. De sluiting van de cafés en restaurants is een voorbeeld van de omgeving die meehelpt om bepaald gedrag – in grote groepen bij elkaar – te veranderen. De overheid helpt dwingend mee.”

„Nummer 3 is wakker worden en bedenken: ’Dit wordt mijn prioriteit. Deze regels zijn voor mij het allerbelangrijkste in mijn leven nu’.”

"Mensen zijn vaak bereid te veranderen voor beloning, wat dat betreft lijken we op dieren"

„Nummer 4 is de beloning. Mensen zijn vaak bereid te veranderen voor beloning, wat dat betreft lijken we op dieren. De beloning is natuurlijk dat je niet ziek wordt, of de piek van ziekte in de ziekenhuizen uitstelt en wellicht levens redt door je te houden aan de regels. Ik hoop dat de bevolking zich daar meer bewust van wordt.”

Gezond verstand

Julia van Weert is hoogleraar gezondheidscommunicatie aan de UvA. „De overheid doet tijdens deze crisis een beroep op ons gezond verstand”, constateert zij. „Maar dat gezonde verstand biedt ruimte voor interpretatie. Wat de één als verstandig zal beschouwen, vindt de ander wellicht net overdreven. En als een aanbeveling begint met ’het zou goed zijn als’, brengt dat al snel wat ruis mee.”

"Wat de één als verstandig zal beschouwen, vindt de ander wellicht net overdreven"

Volgens Van Weert moeten aanbevelingen zo concreet mogelijk zijn. „Als premier Rutte zegt: ’houd anderhalve meter afstand’, is dat zeer duidelijk. Daarnaast lijkt er nog een onderschatting te heersen, voor veel mensen is het nog een ver-van-mijn-bed-show wat kan leiden tot negeren van gezondheidsmaatregelen. Wat ook niet helpt, is dat er op sociale media veel misinformatie rondgaat. Mensen hebben moeite dat te onderscheiden”, aldus de hoogleraar. En zelfs als de communicatie goed is, zegt dat nog niet alles. „Want gedrag veranderen is moeilijk. Van weten naar doen is een hele stap. Kijk maar naar roken.”

Onzichtbaar

Marcel Verweij, hoogleraar filosofie van de Wageningen Universiteit en specialist in preventie en zorg, vermoedt juist dat de overgrote meerderheid echt het idee heeft zijn steentje bij te dragen. „De gedachtegang is bijvoorbeeld: ’Mijn kinderen zijn thuis, ik kom al bijna niet buiten, ik was mijn handen vaker; nou, dan mag ik die ene vriend toch wel even zien? Die zal zich ook vast aan de regels houden’.”

In deze fase van de coronacrisis vliegen de cijfers je om de oren en is het soms lastig om door de bomen het bos te zien. Thuiswerkers Pim Sedee en Kamran Ullah brengen elke dag een overzicht van de belangrijkste nieuwsfeiten op een rij. Luister de podcast hier of hieronder. Luister de podcast hier of hieronder.

"De bereidheid om een bijdrage te leveren tegen dit virus, is misschien veel groter dan de steken die we laten vallen"

Veel Nederlanders vinden volgens Verweij dat ze best al hun bijdrage leveren, maar perfect handen wassen schiet er eventjes bij in. Zolang er geen naaste vrienden of familie geraakt zijn door het virus, blijft het ook onzichtbaar.

Toch ziet Verweij overal tekenen van solidariteit. „Klappen voor zorgmedewerkers, voedsel brengen bij je oudere buren; dit is echt een interessante tijd. De bereidheid om een bijdrage te leveren tegen dit virus, is misschien veel groter dan de steken die we laten vallen.”

Op basis van de uitkomsten van dit onderzoek is een video gemaakt door Govert Sweep, een populaire YouTuber. In de video treden onder anderen de bekende viroloog prof. Eric van Gorp en neuropsycholoog prof. Erik Scherder op en laten ze zien hoe het beter kan. „Wij nodigen heel Nederland uit om deze video te bekijken en te delen, dat is van levensbelang” stellen Hofstra en Yousuf. „We hopen dat binnenkort Heel Holland Wast.”