2851733
Binnenland

Minister Schouten op hakken stallen in

Koning: we mogen best trotser zijn op onze boeren

Boerin Harberink (midden) uit Diepenveen laat maar wat graag haar biologische landbouwbedrijf zien aan koning Willem-Alexander en minister Carola Schouten (Landbouw).

Boerin Harberink (midden) uit Diepenveen laat maar wat graag haar biologische landbouwbedrijf zien aan koning Willem-Alexander en minister Carola Schouten (Landbouw).

We mogen wel wat trotser zijn op onze boeren. Met die boodschap sloot koning Willem-Alexander gisteren zijn werkbezoek aan de landbouwsector af. De zeldzame hartenkreet viel in goede aarde bij begeleidend minister Carola Schouten (Landbouw) en paste precies bij het brave bezoek aan twee kringloopboerderijen die ze de vorst had voorgeschoteld.

Boerin Harberink (midden) uit Diepenveen laat maar wat graag haar biologische landbouwbedrijf zien aan koning Willem-Alexander en minister Carola Schouten (Landbouw).

Boerin Harberink (midden) uit Diepenveen laat maar wat graag haar biologische landbouwbedrijf zien aan koning Willem-Alexander en minister Carola Schouten (Landbouw).

Diepenveen Is het goed om een jas aan te doen? De koning informeert maar even, als hij even voor negenen het erf van de melkveehouderij van de familie Smale opstapt. Het is een koude ochtend. Dus de achterbak van de verlengde Audi gaat open en een sportieve donkergroene jas wordt tevoorschijn getoverd. Minister Schouten heeft haar jas al aan dan, maar haar benen onbedekt en ook nog eens hakken aan. De rest van het gezelschap leeft mee. De ministeriële boerendochter wilde er op haar ’paasbest’ uitzien voor de koning, zegt de CU-bewindsvrouw. Maar onder deze omstandigheden de stallen in, is eerder afzien.

Schouten is gastvrouw van de derde uit de reeks bezoeken die de koning met een kabinetslid brengt. Rond het hof valt te horen dat de koning zo graag wil ervaren waar het in Den Haag bedachte beleid het leven van de gemiddelde Nederlander ontmoet. Juist als het schuurt, wil de vorst dat te weten komen.

Maar tijdens dit werkbezoek wordt vooral een ideaalbeeld geschetst van het boerenbedrijf. Klinkt in de samenleving steeds vaker kritiek op de bio-industrie met het bijhorende mestprobleem, Schouten laat de koning kringloopboerderijen zien.

Het zijn de windmolens en de zonnepanelen van de agrarische sector. Er komt zo min mogelijk afval vrij, de uitstoot van schadelijke stoffen is zo klein mogelijk en er worden grondstoffen en eindproducten met zo min mogelijk verliezen benut.

Zo kent de melkveehouderij van de familie Smale geen megastallen, maar biedt onderdak aan 160 koeien die in hun ruime onderkomen net te eten hebben gekregen. Het voer wordt zoveel mogelijk op eigen terrein gewonnen en uitgemolken Klara’s en de Berta’s belanden uiteindelijk ook in de kroketten en in de bitterballen.

Zo ziet Schouten het graag, ze heeft er immers haar in september gepresenteerde landbouwvisie aan gewijd. De jonge boer Smale vertelt er enthousiast en zelfverzekerd over. Wel vermeldt hij nadrukkelijk knellende regelgeving.

Dit probleem valt een half uur later ook in het Overijsselse Diepenveen te horen, waar boerin Harberink een biologisch landbouwbedrijf runt. Op een magistrale locatie in een natuurgebied in de uiterwaarden van Deventer verhaalt ze over regelgeving ’die heel erg gericht is op het gemiddelde bedrijf’. „De natuurbeschermingswet gaat uit van een totale scheiding van landbouw en natuur”, vertelt Harberink.

Dat is best een probleem als je een boerderij bestiert die juist heel erop de natuur vertrouwt; er is geen aanvoer van mest of voedermiddelen van buiten. De boerin wil laten zien dat landbouw en natuur hand in hand kunnen gaan. Het bepaalt haar leven. Echt waar?, klinkt het als Harberink vertelt over de slapeloze nachten die heeft op het moment dat het tijd is om afscheid te nemen van één van haar dieren.

Bij het afsluitende rondetafelgesprek vindt de discussie vooral tussen de biologische boerin en een vertegenwoordiger van Friesland Campina plaats. Duidelijk wordt dat de idealen van de dierenvriendin niet helemaal aansluiten bij de prioriteiten van het zuivelbedrijf. Veel heeft met geld te maken, verklaart de melkbons. En we lopen al ’mijlen’ voorop, want in het buitenland kijken ze met grote bewondering naar de duurzaamheid van de Nederlandse boerensector.

De koning, die tijdens de kabbelende gesprekken zijn kans schoon ziet om koffie en water onder de aanwezigen te distribueren, wil daar ook nog wel wat over zeggen. Hij mag over de hele wereld roepen dat we de op één na grootste landbouwexporteur zijn. En dat we met Wageningen de beste landbouwuniversiteit hebben. Maar, zo vervolgt hij, de Nederlandse maatschappij heeft geen respect voor de Nederlandse boeren!

Het is een zeldzaam kijkje in de conclusies die Willem-Alexander trekt uit de eindeloze ontmoetingen die hij als koning heeft maar doorgaans nooit wat over zegt. Prachtig, vindt Schouten, die snel daarna benadrukt dat er wel wat meer waardering mag komen voor boeren. Nu met royale instemming.