Nieuws/Vrouw

Open brief

Open brief aan Johan Derksen: ‘Was jij nooit een onzekere puber?’

Johan Derksen denkt dat anno 2018 (bijna 2019) uit de kast komen een eitje is. VROUW-redacteur Marjolein kan er niet over uit. ‘Ben jij nooit een 17-jarige geweest, Johan? Vermenigvuldig je angsten en onzekerheden met de factor 1000 en kom dan nog eens terug.’ Ze weet waar ze over praat. Ook voor haar oudste zoon was zijn coming-out een moeilijke beslissing. Daarom schreef ze Johan een open brief.

Lees ook: ’Tijdens de ziekte van mijn man had ik niets aan mijn schoonouders'

Beste Johan,

Je vindt dat het maar eens afgelopen moet zijn met dat gezeik van die homo’s. Zo moeilijk is het niet om uit de kast te komen, denk je. Deurtje open, stap doen en hoppa: klaar en verder met je leven.

Jouw opmerking leverde nogal wat commotie op. Ervaringsdeskundigen vielen massaal over je heen. Want als je uit een religieuze omgeving komt, in een klein dorp woont, ouderwetse ouders hebt en geen homo’s in je omgeving, dan kan dat hele uit de kast-verhaal behoorlijk lastig zijn, zo riep men.

Was het maar zo simpel. Was het maar alleen maar moeilijk voor jongeren die opgroeien in bepaalde omstandigheden. Lieve Johan, ooit was ook jij een puber met een vlassnorretje en puistjes. Herinner je je nog je onzekerheid?

Lees ook: 6 feiten en fabels over het spiraaltje

Geen enkele puber wil ‘anders’ zijn

Vermenigvuldig dat gevoel eens met de factor 1000. Pas dan weet je hoe een homoseksuele jongere zich voelt die nog niet weet hoe hij de rest van de wereld moet gaan vertellen dat hij een tikkeltje ‘anders’ is dan de buurjongen die al drie jaar verkering heeft met een meisje.

Nee, dat is hij niet; ‘anders’, maar zo voelt hij dat wel. En geen enkele puber wil ‘anders’ zijn. Ook niet de puber die opgroeit in het Westen, met open-minded ouders die homoseksuele vrienden hebben en alleen maar naar de kerk gaan in het buitenland om de glas-in-loodramen te bewonderen.

Lees ook: 'Beste wiskundelerares, sorry dat ik het u zo moeilijk heb gemaakt..’

Barbie voor zijn verjaardag

Mijn zoon was zeventien. En ja, voor iedereen die het wil weten, natuurlijk zag ik het aankomen. Ik ben niet helemaal achterlijk. Hij was vier toen hij een Barbie voor zijn verjaardag vroeg (en een baby-olifantje; de Barbie was eenvoudiger te vinden), gedurende zijn hele basisschooltijd had hij meer vriendinnen dan vrienden, hij hield niet van voetbal en wist precies wie in welk jaar Nederland had vertegenwoordigd op het Songfestival.

Aan de andere kant, had hij wel vanaf groep 2 tot en met groep 6 echt heel serieus verkering. Met een meisje. En eenmaal op de middelbare school kwam zijn eerste kus toch echt van ene Fleur met lange lokken en een kort plooirokje.

Er was dus wel altijd die twijfel. De twijfel die maakte dat ik het af en toe bespreekbaar probeerde te maken. Bij een kop thee aan de keukentafel: ‘Je weet toch schat, dat het mij niks uit zou maken als jij op jongens zou vallen…’

Lees ook: ’Ik had zoveel hoop maar helaas’

Zo ging het bij ons

Mijn kind, beste Johan, zou volgens jouw mening dus nou net die jongen zijn voor wie het uit de kast komen een simpel verhaal zou moeten zijn: ‘Hey mam, pap; dit is Joris en we zijn verliefd.’ Er zou geen verkeerd woord over gevallen zijn. Ik zou gewoon koffie hebben gezet voor Joris en het kind, gevraagd hebben of hij wilde blijven eten en ‘ja natuurlijk kan hij blijven slapen.’

Maar zo ging het niet. Dit was hoe het wel ging: het was het einde van de zomervakantie, inmiddels alweer een aantal jaar geleden. We zaten met het hele gezin in een restaurant en het was behoorlijk ongezellig.

Dat kwam door mijn oudste zoon. Normaal gesproken het zonnetje in huis, maar dit keer met een humeur om op te schieten. En als Oudste de pest in heeft, dan zit hem iets dwars. Daar kun je vergif op in nemen.

Lees ook: Jessica’s moeder kwam om bij een brugongeluk

‘Ik wil dit niet zijn’

Woedend (de aanleiding was het al dan niet nog bakken van een appeltaart middenin de nacht, wat ik geen goed idee vond en hij wel) stormde hij naar buiten. Het was een beetje een gênante vertoning met een stoel die kletterend omviel en geschokte blikken van de mensen om ons heen.

Ik ging hem zoeken, maar kon hem nergens meer vinden. Eenmaal thuis kregen Lief en ik tegelijkertijd een sms’je: ‘Mam, pap, so you know. Ik ben homo’. ‘Prima’, sms’te Lief terug, ‘kom je dan nu naar huis?’

Hij huilde de hele avond. Mijn grote, mooie kind was zo verschrikkelijk verdrietig was omdat hij was wie hij was. ‘Waarom dan?’, vroegen we, ‘waarom moet je zo huilen?’ Omdat hij zo graag ‘normaal’ wilde zijn, zei hij. ‛Ik wil als ieder ander zijn. Gewoon. Ik wil later een vrouw en kinderen. Ik wil dit niet zijn.’

Ik vond het zo triest. Al die jaren waarin hij daarmee heeft geworsteld… Waarin hij zich gedwongen voelde om zijn gevoelens te verbergen. Op zo’n middelbare school is het nou eenmaal niet de norm dat je als jongen op jongens valt. Setjes worden gevormd door een meisje en een jongetje. Zo hoort dat. Nog steeds.

Lees ook: Jaquelines dochter (18) overleed aan meningokokken

Heteroseksuele paringsdans

Dus op schoolfeesten, tijdens saaie lessen, word je als puber gewoon geacht naar iemand van het andere geslacht te staren. Zit je met je vrienden in de pauze in de kantine, dan gaat het over Melissa en hoe mooi haar borsten zijn. Dan kijk je wel uit voor je over Maurits begint die zo’n sexy hees lachje heeft.

Niet omdat pubers per definitie nou zo intolerant zijn, maar je wil gewoon niet anders zijn dan de rest. Je wil binnen de groep passen, niet de uitzondering zijn: ‘Shit man, ben jij homo? Echt?’ En hoe moest hij ooit iemand vinden die van hem zou houden? Hij was zeventien, gayclubs vond hij eng en in het normale uitgaansleven draait het, voor wie nog niet geleerd heeft goed te kijken, toch nog steeds vooral om de heteroseksuele paringsdans.

En wat moest ik zeggen, behalve dat ik van hem hield? Ja, ik mompelde iets over dat je ook kinderen kunt adopteren en zo. En dat hij echt wel ooit de liefde zou vinden. Dat hij te leuk en gezellig was om alleen over te blijven.

Lees ook: Broer en zus zoeken een man voor het kerstdiner

Hij is doodnormaal

Had ik toen maar geweten wat ik nu weet. Dan had ik hem kunnen vertellen dat hij helemaal niet ‘anders’ is, maar doodnormaal. Net zo normaal als iedere andere jongen van zijn leeftijd. Zijn ogen zijn nog even blauw als voor hij uit de kast kwam, zijn lach is nog even innemend.

Hij kan nog net zo hard zijn mening doordrammen als vóór die avond vier jaar geleden. Zijn verliefdheden zijn even oprecht als die van zijn heteroseksuele zus, zijn onzekerheid of die liefde wederzijds is, zit net zo diep. En als zijn hart wordt gebroken, zijn zijn tranen even bitter.

Inmiddels heeft mijn zoon zijn liefde gevonden. Ze wonen samen met twee gezellige katten en hebben het hartstikke leuk met elkaar. Ik heb een geweldige schoonzoon, die net als ik van koken en bakken houdt, en al die fictieve monsters waar mijn zoon als puber mee worstelde, zijn overwonnen. Hij is gelukkig.

Kijk ook: ’Als het huis af is kunnen we eindelijk weer eens seks hebben’

TV-presentator met een iets te grote mond

Toen hij zeventien was, wist ik dat hij dat echt ooit wel zou worden. Alleen kon hij dat zelf toen niet geloven. Jij wel Johan? Dacht jij op je zeventiende dat je ooit een succesvolle tv-presentator zou worden met een iets te grote mond?

Moet je voorstellen hoe je je had gevoeld als je ook nog eens verliefd was geweest op die jongen uit de wiskundeles in plaats van op dat meisje bij geschiedenis. En dat je je had gerealiseerd wat dat allemaal impliceerde: hoon, discriminatie, misschien wel nooit kinderen, teleurstelling bij je moeder die toch wel graag ooit oma zou willen worden…

Stel je de monsters in je hoofd voor. Had jij ze graag het hoofd geboden?

Lees ook: Stoned in de klas... voelt jouw kind zich nog lekker op school?