Nieuws/Binnenland
3091218
Binnenland

COC wil vaker straffen voor lhbti-discriminatie

Deelnemers aan een demonstratie in Arnhem, vorig jaar, tegen geweld tegen lhbti’ers.

Deelnemers aan een demonstratie in Arnhem, vorig jaar, tegen geweld tegen lhbti’ers.

AMSTERDAM - Als het aan belangenorganisatie COC ligt, wordt veel vaker iemand veroordeeld voor discriminatie van lesbiennes homo’s, bi’s trans- en intersekse personen (lhbti’s). Voorzitter Astrid Oosenbrug gaat vandaag om tafel met politiechef Erik Akerboom en OM-topman Gerrit van de Burg om dat te bespreken.

Deelnemers aan een demonstratie in Arnhem, vorig jaar, tegen geweld tegen lhbti’ers.

Deelnemers aan een demonstratie in Arnhem, vorig jaar, tegen geweld tegen lhbti’ers.

Oosenbrug schetst de situatie: ieder jaar doen 1200 tot 1500 mensen aangifte of melding van discriminatie, omdat ze lhbti’er zijn. Slechts in 16 zaken stelt het Openbaar Ministerie (OM) vervolging in. Jaarlijks worden uiteindelijk zeven mensen voor lhbti-discriminatie veroordeeld.

„Bij een mishandeling lijkt de politie wel te zoeken naar bewijs voor het geweld, maar niet voor de discriminatie. Terwijl als iemand ’kankerhomo’ roept, het wel duidelijk is waarom er geslagen wordt”, vindt Oosenburg. Zo was het COC bijvoorbeeld hoogst verbaasd dat vier jongens die een Arnhems homostel met een betonschaar in Arnhem mishandelden, niet werden berecht voor homohaat.

Oosenbrug wil dat agenten veel meer doorrechercheren op ook dat aspect. „Dat kan het verschil maken tussen bijvoorbeeld acht of zestien maanden cel.” Ze zou het liefst zien dat er prestatieafspraken gemaakt worden met politie en OM, zodat het aantal veroordelingen toeneemt.

Het OM en de politie gaan daar echter niet op in. Beide organisaties laten weten uit te zien naar het gesprek. „De aanpak van geweld tegen discriminatie van lhbti’ers heeft de volle aandacht”, laten woordvoerders Bart Vis en Willem Hinskens weten.

Vis wijst er bovendien op dat sinds dit jaar een nieuwe aanpak voor discriminatie geldt bij het OM. Voorheen werd vooral gekeken naar groepsdiscriminatie, terwijl dat minder vaak voorkomt dan bijvoorbeeld een individuele mishandeling met een homofoob element. Vanaf dit jaar worden officieren van justitie er expliciet op gewezen dat ook dan er reden is om een hogere straf te eisen.

Bij het COC vrezen ze echter dat het bij woorden blijft, zoals ook eerder. „Er lopen al tijden gespreken, maar grote veranderingen blijven uit. Iedereen vindt het belangrijk, maar de volgende stap ontbreekt”, zegt Oosenbrug.

Ze vervolgt: „Nu lijkt het alsof iemand ermee wegkomt. Daardoor daalt de aangiftebereidheid, wat weer tot gevolg heeft dat het probleem kleiner lijkt te worden. Terwijl uit onderzoek blijkt dat zeven op de tien lhbti’ers in hun leven te maken krijgt met fysiek of verbaal geweld.”