Nieuws/Binnenland
3284770
Binnenland

Kabinetsdoel voor 2030 waarschijnlijk niet gehaald

Veel alleenstaanden en alleenverdieners de klos

Den Haag - Duizenden huishoudens worden nog forser geraakt door het klimaatakkoord dan de cijfers van het Centraal Planbureau (CPB) op het eerste gezicht laten zien. Alleenstaanden en alleenverdieners gaan er in veel gevallen tot wel drie procent op achteruit. Vijf procent van hen zelfs nog meer, bevestigt het CPB.

De doorrekening van het klimaatakkoord schetst een somber beeld voor de portemonnee van burgers in 2030. Alle inkomensgroepen gaan er op achteruit als het akkoord wordt uitgevoerd. Achter de mediane koopkracht van -1,5 en -1,4 procent voor alleenstaanden, respectievelijk alleenverdieners schuilen cijfers voor specifieke groepen die veel harder aankomen. Ook uitkeringsgerechtigden worden hard geraakt, waar sommigen bijna vier procent moeten inleveren.

De cijfers doen denken aan het idee om de inkomensafhankelijke zorgpremie in te voeren aan het begin van Rutte II. Daarbij vielen de inkomenseffecten gemiddeld mee, maar werden ook grote groepen zeer hard geraakt.

Het kabinet neemt de vlucht naar voren en presenteerde woensdagmiddag gelijk maatregelen die veel koopkrachtcijfers weer op zijn kop zetten. Zo gaat de energiebelasting omlaag en wordt er een CO2-heffing ingevoerd voor bedrijven. Ook zinspeelde premier Rutte op een extra tegemoetkoming voor de laagste inkomens.

Uit de berekeningen van het Planbureau voor de Leefomgeving blijkt dat het klimaatdoel zelf wordt waarschijnlijk niet gehaald. Of de cijfers werkelijkheid worden is nog maar de vraag: over de voorspellingen bestaat al langer twijfel.

Middeninkomens verliezen per 2030 het meest als de maatregelen uit het concept-klimaatakkoord een op een worden doorgevoerd. Het scheelt hen in de CPB-ramingen een half procent aan inkomen. Ook gepensioneerden gaan er door de klimaatplannen gemiddeld een half procent op achteruit.

Nog duurder

Het totale klimaat- en energiebeleid raakt Nederlanders nog harder. Als ook de maatregelen ter stimulering van duurzame energie worden meegerekend, gaan de laagste inkomens het meest achteruit. In 2030 zou het een verlaging van het inkomen met 1,8 procent betekenen. Voor middeninkomens is dat ongeveer anderhalf procent. De hoogste inkomens leveren 0,8 procent in.

Het CPB gaat in haar berekeningen uit van een scenario waarbij mensen niet de portemonnee trekken voor allerlei groene maatregelen. Lage inkomens, eenverdieners en uitkeringsgerechtigden dreigen het hardst geraakt te worden. Het kan voor deze groep een verlaging van het inkomen met 3 procent betekenen.

CPB-directeur Laura van Geest: „Middeninkomens worden door het klimaatakkoord harder geraakt dan lagere inkomens. Dit komt door maatregelen voor de auto.”

De rekenmeesters verwachten dat bedrijven hun klimaatkosten voor 80 procent afwentelen op de burger.

Niet genoeg

Ondanks de kosten, zijn de honderden maatregelen uit het klimaatakkoord van voorzitter Ed Nijpels waarschijnlijk niet genoeg om het klimaatdoel in 2030 te halen. Dat concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in haar doorrekening.

Het kabinet wil in 2030 de CO2-uitstoot hebben gehalveerd ten opzichte van 1990. Het PBL stelt dat er nog veel onzekerheden zijn in de plannen. Als het kabinet duidelijke politieke keuzes maakt kunnen die onzekerheden worden weggenomen, stellen de groene rekenmeesters.

Als Nederland de broeikasgassen wil halveren in 2030 dan moet er 48,7 megaton minder worden uitgestoten. Volgens het PBL komen de plannen uit tussen de 31 en 52 megaton.

„De bandbreedte is vrij groot”, geeft hoofd klimaat Pieter Boot toe. Het kan zijn dat het doel wel gehaald wordt. „Maar toch denken we dat het waarschijnlijk niet haalbaar is. Vergelijk het met het gooien van dobbelstenen: je kunt zes keer zes gooien, maar dat is niet heel waarschijnlijk.”

Industrie

Vooral bij de industrie zijn de onzekerheden groot, stelt Boot. Het groene planbureau heeft nog veel vragen over hoe bedrijven worden gehouden aan de afspraken om minder CO2 uit te stoten. Bij de elektriciteitssector zijn er juist veel zekerheden.

Het klimaatakkoord is volgens Boot een mix van verboden, normen en subsidies. „Beprijzing is een beetje ondergeschikt”, zei de klimaatchef kritisch. Juist hierover is een grote politieke discussie gaande.

Het PBL schat in dat alle investeringen die nodig zijn om het klimaatakkoord uit te voeren tussen de 56 en 75 miljard euro bedragen in de periode tot 2030. Vooral in de energiesector, mobiliteit (auto’s) en de gebouwde omgeving (huizen en kantoren) gaat het om astronomische bedragen.

Kritiek

Of de ramingen van de planbureaus een compleet beeld geven is nog maar zeer de vraag. Over enkele rekenmethodes van het Planbureau voor de Leefomgeving is de laatste tijd kritiek geuit.

Deskundigen van de Rabobank hebben eerder geoordeeld dat het klimaatakkoord een financiële gatenkaas is. De experts stellen dat het Centraal Planbureau niet alle maatregelen heeft kunnen doorrekenen, sommige plannen zijn simpelweg te vaag. CPB-directeur Laura van Geest gaf toe dat er slechts 128 maatregelen onder de loep zijn genomen: „Wij hebben geen zeshonderd maatregelen aangereikt gekregen.”

Van Geest stelt dat er ook maatregelen waren waar de overheid niets mee te maken heeft of waar een doorrekening niet mogelijk was.

PBL-directeur Hans Mommaas probeerde kritiek aan het begin van de persconferentie al direct in de kiem te smoren door te stellen dat de ’modellen geen kristallen bol’ zijn.

De autoindustrie heeft tijdens de persconferentie al kritiek geuit op de doorrekening van het PBL. Volgens RAI Vereniging is er onvoldoende rekening gehouden met de beschikbaarheid van elektrische auto’s.

Politiek aan zet

Het kabinet komt eind april met een definitief klimaatakkoord. Voor die tijd onderhandelen de coalitiepartijen over welke maatregelen de eindstreep halen. Naar verwachting is er in mei een groot debat in de Tweede Kamer over het klimaatbeleid.

Minister-president Rutte en minister Wiebes (Klimaat) geven woensdagmiddag wel al een eerste reactie op de doorrekening.

De planbureaus rekenen nog twee alternatieve plannen van PvdA en GL voor een CO2-belasting voor de industrie door. Halverwege april worden de resultaten verwacht.

Klimaatchef Ed Nijpels zei in een eerste reactie „buitengewoon opgelucht” te zijn over de doorrekeningen.