Nieuws/Binnenland
3400593
Binnenland

12 jaar geëist voor schietpartij shishalounge

De 17-jarige Azad (links) kwam om het leven.

De 17-jarige Azad (links) kwam om het leven.

DEN HAAG - Tegen de verdachte van de fatale schietpartij in een shishalounge in Den Haag vorig jaar, is een celstraf van twaalf jaar geëist. Mustaf S. bekende vrijdag voor het eerst dat hij het 17-jarige slachtoffer heeft neergeschoten. Tot die tijd had hij gezwegen, naar eigen zeggen uit angst voor represailles voor hem en zijn familie.

De 17-jarige Azad (links) kwam om het leven.

De 17-jarige Azad (links) kwam om het leven.

De 20-jarige S. uit Rotterdam wordt verdacht van doodslag. Hij zou meerdere keren op de jongen hebben geschoten. „De impact van deze laffe daad is enorm. Bij de eerste de beste ruzie greep hij naar zijn vuurwapen”, aldus de officier van justitie.

Volgens S. kregen hij en zijn vrienden ruzie met het slachtoffer en zijn vrienden. De ruzie zou zijn gegaan over een met lachgas gevuld ballonnetje dat van het groepje van het slachtoffer naar een vriend van S. zou zijn gegooid. „Het slachtoffer daagde mij uit, hij wilde me een vuistslag geven maar miste. Voor ik het wist had ik twee schoten gelost”, aldus S. Zijn advocaat sprak van „een uit de hand gelopen ruzie.”

De Rotterdammer is eerder veroordeeld voor onder meer geweldsincidenten en diefstal. Hij heeft niet willen meewerken aan psychische onderzoeken, omdat hij meent dat er niets mis is met hem. „Ik ben totaal geen agressieve jongen.” De rechter merkte op dat hij wel iemand heeft doodgeschoten. Daar had hij toen even niet bij nagedacht, zei hij.

S. had de fatale avond een pistool bij zich omdat „hij wat problemen had met wat mensen.” De verdachte en het slachtoffer kenden elkaar voor die ontmoeting niet. Ruim een week na het incident werd S. bij een verkeerscontrole aangehouden.

Er loopt ook nog onderzoek naar mogelijke wraakplannen van de familie van het slachtoffer. Na de schietpartij zouden zij op zoek zijn gegaan naar de dader. De familie van S. heeft een tijd ondergedoken gezeten. Aan het eind van de zitting werd nog hard op de ramen van de publieke tribune geslagen en werden er verwensingen naar S. geroepen.

De moeder van het slachtoffer had eerder in haar verklaring gezegd dat zij S. zou vergeven, maar dat hij zich voor Allah zal moeten verantwoorden. „Ik ben dankbaar wat zij heeft gezegd. Ik zou willen dat ik de tijd kon terugdraaien”, zei S. De moeder hoorde het hoofdschuddend en in tranen aan. „De tijd kan niet terug.”

De rechtbank in Den Haag doet op 19 april uitspraak.