Nieuws/Binnenland
3524689
Binnenland

Spoor krijgt last van extremer weer

ProRail wil steeds minder afhankelijk van het weer worden.

ProRail wil steeds minder afhankelijk van het weer worden.

Utrecht - Het veranderende weer gaat grote invloed krijgen op het drukke spoor in Europa. Met name de wisselende extremen, koud, heet, nat, droog, storm en bliksem, kunnen de treinenloop vaker verstoren. EU-onderzoek moet oplossingen aandragen. Nederland coördineert.

ProRail wil steeds minder afhankelijk van het weer worden.

ProRail wil steeds minder afhankelijk van het weer worden.

„Brussel betaalt om beter voorbereid te zijn op de toekomst”, bevestigt spoorbeheerder ProRail aan De Telegraaf. „Deze maand start het onderzoek in Nederland, België, Duitsland, Frankrijk, Zwitserland, Ierland en Denemarken. Het duurt een jaar”, aldus een woordvoerder. Volgens hem gaan de spoordeskundigen kennis uitwisselen over de verschillende klimaatproblemen waar deze landen mee te kampen hebben. „Samen komen we tot een plan van aanpak over de beste opties en de meerkosten, dat we als advies aan onze ministeries voorleggen.”

Volgens ProRail moeten regeringen beslagen ten ijs komen om het overvolle spoor in West-Europa komende jaren efficiënter te benutten. „Daar is het weer onlosmakelijk mee verbonden. Hoe kunnen we die extreme pieken en dalen tussen en zelfs binnen de seizoenen temmen?, is de hamvraag. Doel is zoveel mogelijk op tijd te rijden. De trein staat nu vooral door externe factoren onder druk.”

Dat blijkt ook uit de cijfers van 2018. Het weer, aanrijdingen op overwegen, suïcides en andere ’derden-oorzaken’ waren in Nederland verantwoordelijk voor 37% van alle grote verstoringen op het spoor in de zogeheten hinderklasse 1 en 2. Reizigers hebben dan te maken met veel treinuitval en lange vertragingen.

Technische mankementen aan onder andere seinen en wissels waren vorig jaar debet aan 30% van de zware storingen, defecte treinen en stakingen bij vervoerders aan 26% en werk aan het spoor aan 7%.

In totaal ging het volgens ProRail om 732 grote incidenten, een lichte daling ten opzichte van de 773 in 2017. „Dat komt doordat wij in Nederland samen met de vervoerders en het ministerie van Infrastructuur er alles aan doen om de techniek te verbeteren en vertragingen terug te dringen. Het weer is de nieuwe uitdaging.”

Volgens de zegsman is het nodig om systemen anders in te richten en overal slimme sensoren aan te brengen om voortijdig maatregelen te nemen. „IJzeren rails vinden hele lage en hoge temperaturen niet fijn. Daar moet preventief onderhoud op worden aangepast en dat geldt ook voor wisselverwarming en koeling”, geeft hij als voorbeeld.