Nieuws/Binnenland
3559311
Binnenland

Advocaat Holleeder: besluit Hoge Raad negeren

AMSTERDAM - De verdediging van Willem Holleeder vindt dat de rechtbank die zijn zaak behandelt ,,lef” moet tonen in de kwestie van de kroongetuigen en een uitspraak van de Hoge Raad naast zich neer moet leggen.

De Hoge Raad oordeelde op 23 april in een andere strafzaak, het liquidatieproces Passage, dat het Openbaar Ministerie niet buiten zijn boekje is gegaan in de overeenkomsten die zijn gesloten met de kroongetuigen: de criminele overlopers Peter la Serpe en Fred Ros. Die kroongetuigen legden ook verklaringen af in de zaak tegen Holleeder.

Janssen vindt dat de Hoge Raad over de schreef is gegaan. Uit de behandeling van de kroongetuigenregeling in de Tweede Kamer blijkt volgens de advocaat duidelijk dat de politieke partijen niet willen dat een kroongetuige geld mag houden dat met misdrijven is verdiend. Dat zou neerkomen op het kopen van verklaringen, vonden de parlementariërs.

De Hoge Raad oordeelde echter in de zaak Passage dat het Openbaar Ministerie met kroongetuigen een schikking mag treffen over dat zogenoemde wederrechtelijk verkregen voordeel. Daarmee heeft de hoogste rechter in feite het element van het criminele geld toegevoegd aan de wettelijke regeling over kroongetuigen, tegen de wens van het parlement in, zegt Janssen.

Dat heeft ook gevolgen voor de zaak tegen Willem Holleeder, waarin met name Peter la Serpe belastend heeft verklaard. Zo zei La Serpe dat Holleeder de volgorde bepaalde waarin liquidaties moesten worden uitgevoerd. Met zijn woorden ,,Osdorp eerst” zou hij hebben aangegeven dat eerst Kees Houtman moest worden vermoord, en daarna Thomas van der Bijl.

Het OM legde in de overeenkomst die met La Serpe werd gesloten vast dat hij het geld dat hij kreeg voor de liquidatie van Houtman niet hoefde terug te betalen. Janssen wil dat de rechtbank het OM terugfluit, omdat er geen wettelijke basis is voor die afspraak. Ook benadrukte Janssen dat La Serpe in de zaak Holleeder constant wisselende verklaringen heeft afgelegd. Hij riep de rechtbank op om die terzijde te schuiven. De rechtbank doet op 4 juli uitspraak in het megaproces tegen Willem Holleeder.