Nieuws/Binnenland
364570356
Binnenland

Drie jaar cel voor dodelijk ongeval na snuiven ketamine

De vrouw werd op de Eerste Oosterparkstraat van haar fiets gereden door de twintiger die onder invloed was van verdovende middelen.

De vrouw werd op de Eerste Oosterparkstraat van haar fiets gereden door de twintiger die onder invloed was van verdovende middelen.

AMSTERDAM - De rechtbank heeft woensdag drie jaar celstraf jaar opgelegd aan Egbert Mees B., waarvan een half jaar voorwaardelijk. Ook kreeg de 25-jarige Monnickendammer een rijverbod van vijf jaar. B. reed afgelopen zomer onder invloed van drugs in Amsterdam met hoge snelheid een vrouw dood.

De vrouw werd op de Eerste Oosterparkstraat van haar fiets gereden door de twintiger die onder invloed was van verdovende middelen.

De vrouw werd op de Eerste Oosterparkstraat van haar fiets gereden door de twintiger die onder invloed was van verdovende middelen.

B. stuurde zijn auto zaterdagavond 24 augustus met ongeveer 80 kilometer per uur tegen het verkeer in de Eerste Oosterparkstraat op, waarna hij op het fietspad belandde en van achteren een 35-jarige Française op een bakfiets aanreed. De vrouw, moeder van twee jonge kinderen, werd door de heftige klap van de fiets geslingerd, raakte zwaargewond en overleed in het ziekenhuis.

Op het moment van het ongeval was B. onder invloed van ketamine, een verdovend middel. Kort ervoor had hij zijn auto langs de kant gezet en een snuif van de drugs genomen. Eerder op de dag had hij ook al ketamine gebruikt. Tijdens de zitting twee weken geleden benadrukte de aanklager dat B. geen vergissing na een enkel biertje heeft gemaakt: „Hij heeft een stof genomen waarvan hij totaal van de wereld raakte en hij wist dat dat kon gebeuren.”

B. zelf vertelde dat hij de drugs gebruikte om neerslachtige gevoelens te onderdrukken. Ook op de dag van het ongeval voelde hij zich somber. „Ik kon het niet laten het te nemen”, zei hij. „Toen ik ging rijden, had ik niet het idee dat ik zo onder invloed was. Ik heb de dosering zwaar onderschat.” Hij betuigde uitvoering spijt.

Deskundigen menen dat B. aan een chronische, ernstige depressie lijdt en drugs als zelfmedicatie gebruikt. De rechtbank, die strafte in lijn met de eis van het OM, bepaalde ook dat B. na het uitzitten van zijn celstraf klinisch moet worden behandeld tegen zijn drugsverslaving. Na de verplichte opname moet hij onder behandeling blijven. Ook moet hij zich aanmelden voor begeleid wonen.