Nieuws/Binnenland
40722
Binnenland

Justin Cronin over zijn wereldwijd bejubelde fantasytrilogie ’De oversteek’

De schrijver die vampieren hun tanden teruggaf

— Justin Cronin heeft zijn levenswerk afgerond. Pennen van de Oversteek-trilogie kostte hem ruim tien jaar. Loslaten is lastig, maar hij is blij dat het volbracht is. Zijn vrouw nog blijer. Wat haar betreft mochten Amy en de Nul al lang doodvallen. „Ze vermoordt me als ik opnieuw begin.”

„Samengevat is  De oversteek -serie een heel verdrietige roadstory.”

„Samengevat is De oversteek -serie een heel verdrietige roadstory.”

„Samengevat is  De oversteek -serie een heel verdrietige roadstory.”

„Samengevat is De oversteek -serie een heel verdrietige roadstory.”

Een 21e eeuwse Tolkien wordt Justin Cronin genoemd, zijn lijvige Oversteek-trilogie op internet vergeleken met The lord of the rings. Met Cormac McCarthy’s post-apocalyptische The road ook wel. Fanboy Stephen King noemt de trilogie een van de grote werken uit de Amerikaanse fantasyliteratuur. „Cronin heeft vampieren eindelijk weer eng gemaakt.”

Zelf omschrijft Cronin, een Amerikaanse vijftiger met rond leesbrilletje en kauwgumverslaving, zich op Twitter simpelweg als ’schrijver van dikke boeken waarin veel mensen doodgaan’. En dat klopt. De stad van spiegels, slotdeel van zijn internationaal geroemde en bekroonde fantasytrilogie en nu uit in Nederlandse vertaling, moet je net als als de voorgaande delen (De Oversteek, De Twaalf) niet in bed lezen. Tenzij je geen problemen hebt met een lamme arm (800 pagina’s!) en enge dromen. Als je überhaupt aan slaap toekomt.

Net als bij Star Wars flippen fans al bij elk verklapt detail, maar kort gezegd gaat deel 3 precies verder waar 2 ophield. De Twaalf, mensen die deel uitmaakten van een uit de klauwen gelopen overheidsexperiment, zijn vernietigd en de heerschappij van het duister lijkt voorbij. De overlevenden komen weer tevoorschijn. Maar ver weg, in een dode stad, wacht De Nul. De eerste die werd besmet. Gloeiend van haat móet hij Amy, het meisje voorbestemd om de mensheid te redden, doden.

Opvallend genoeg leest en kijkt Cronin zelf nauwelijks fantasy en horror. „Ik mijd enge films, ze maken me bang. Elk jaar rond Halloween kijk ik er een met mijn dochter. Ik had The Blair Witch Project al eens gezien, maar ik lieg niet als ik zeg dat ik het gewoon wéér bijna in mijn broek deed.”

Hij is dan ook geenszins van plan zich te bemoeien met de verfilming van zijn boeken, waarvan de rechten na een keiharde biedoorlog in Hollywood zijn beland bij Ridley Scott. Wie straks Amy speelt, de hoofdpersoon die de lezer in deel 1 leert kennen als jong meisje en in deel 3 als duizendplusser, zal Cronin een biet zijn. „Ik heb daar geen moment over gefantaseerd.”

Hij heeft er een filosofische verklaring voor, die hij graag even uitlegt. Voor het schrijfsucces gaf hij namelijk 25 jaar les op de universiteit. „Een boek is als object niet belangrijk, het is een bundel bedrukt papier. Maar elke keer als een boek wordt gelezen, gebeurt er iets bijzonders: het verandert. Als schrijver doe ik maar de helft van het werk. Ik geef Lego-steentjes aan en de lezer bouwt een toren. Hij bepaalt hoe hoog die wordt, welke stukjes dragend zijn en welke slechts versiering. Ieders toren is anders want gebaseerd op eigen ervaring. Een boek is zo oneindig. En daarmee is er niet één Amy en stelt elke actrice per definitie teleur, omdat zij anders is dan in je hoofd.”

De boekenreeks begon tien jaar geleden als lolletje met zijn dochter, toen acht jaar. Op de fiets verzonnen ze verhalen over een meisje en een vampier, over een handvol mensen die het moest zien te te rooien in een door een virus uitgeroeid Amerika. „Ineens zag ik de potentie. Het andere boek waarmee ik bezig was heb ik resoluut aan de kant geschoven – geen idee meer waar dat over ging - en ik ben dit verhaal gaan opschrijven.” Volwassener, zijn dochter mocht het pas later lezen.

Nu, ruim tien jaar later, is het epos afgerond. Het is diezelfde dochter die hem nu wijselijk adviseert niet weer zo’n mammoetproject te beginnen. „Ze zegt dat ik niet moet wedijveren met mezelf. Zoiets groots gaat me niet nog een keer lukken.” Dat het laatste deel tot frustratie van veel fans zes jaar op zich liet wachten, kwam niet alleen door de omvang. („Een gemiddeld boek telt 100.000 woorden, mijn trilogie heeft er 900.000.”) Het kwam omdat Cronin ziek werd. Kanker. „Tja, wat kan ik zeggen? Het echte leven kwam er even tussen.”

Hij is nu weer beter. De angst van doodgaan voor je boek af is, wil hij nooit meer. Dit werk is finito. Al heeft hij nog wel twee parallelle verhalen in zijn hoofd. „Ik vrees alleen dat mijn vrouw me alsnog vermoordt als ik weer opnieuw begin...”

Geen afscheid kunnen nemen van je werk, noemt hij de vloek van de schrijver. „Je ziet altijd achteraf dingen die beter hadden gekund. Nu ook: ik zie een directere route die ik had kunnen nemen om hetzelfde te vertellen. Gekmakend. Beter lees je je boek niet meer voor 5 jaar, zelfs 10 jaar. Dan is het alsof iemand anders het heeft geschreven en kun je jezelf geen verwijten meer maken. Hee, misschien denk je wel: verrek zeg dit is best aardig.”