Nieuws/Binnenland

Tientallen onnodige sterfgevallen in ziekenhuizen in Zuid-Holland

Doden door ’ondermaatse’ kankerzorg

Beeld Werkt

DEN HAAG/ROTTERDAM - In ziekenhuizen in de regio Leiden/Den Haag en Rotterdam zijn patiënten met longkanker en eierstokkanker overleden als gevolg van kwalitatief achterblijvende medische zorg. Dat melden drie artsen-onderzoekers vandaag in het tijdschrift Medisch Contact.

Beeld Werkt

Volgens de medici bracht een nadere analyse van de sterfgevallen belangrijke behandelverschillen tussen de ziekenhuizen aan het licht. De patiënten zijn gestorven in de jaren 2001-2011.

De artsen, gynaecoloog-oncoloog dr. Lena van Doorn van het Erasmus MC te Rotterdam en haar collega’s Henk Codrington (longarts) en dr. Willem Hans Steup (chirurg) van het Hagaziekenhuis in Den Haag, noemen in hun artikel geen exacte sterftecijfers. Maar zeker is dat het om enkele tientallen patiënten gaat.

Zij melden dat in verschillende ziekenhuizen inmiddels ’verbetermaatregelen’ zijn doorgevoerd.

Behandelaars in de regio Leiden/Den Haag wilden achterhalen door welke oorzaken sommige patiënten met longkanker na chirurgie stierven. In Rotterdam en omstreken wilden medisch specialisten weten waardoor vrouwen met een laagstadium eierstoktumor, ondanks een veelal gunstige prognose, toch binnen vijf jaar overleden. Voor deze vorm geldt een vijfjaarsoverleving van 65 tot 100 procent.

Hoewel de analyse voor longkanker in drie centra in de regio Leiden-Den Haag werd uitgevoerd en die voor ovarium- of eierstokkanker in vijf ziekenhuizen in Rotterdam en omgeving, worden de betrokken ziekenhuizen niet bij naam genoemd. Dit omdat, zoals de auteurs van het artikel in Medisch Contact stellen, ,,openheid en vertrouwen (no blame or shame)” centraal stonden in de terugblikkende analyse. ,,Dat is een voorwaarde voor het ontwikkelen van een cultuur voor het beter en veiliger maken van de gezondheidszorg”. Of ook de nabestaanden van de gestorven patiënten alsnog van alle omstandigheden op de hoogte zijn gesteld is onduidelijk.

De dood van acht (’geselecteerde’) longkankerpatiënten werd tegen het licht gehouden. ,,De belangrijkste oorzaak van overlijden, of voor een tweede operatie, bleek te liggen in de foutieve selectie van patiënten. Bijna de helft (46 procent) had, achteraf bezien, niet voor een operatie in aanmerking moeten komen”, stellen de artsen. Bovendien was de voorbereiding voor de operaties ,,niet altijd volledig volgens de geldende richtlijn”. Ook bleek bij een kwart van de patiënten de zorg na operatie buiten reguliere werktijden niet optimaal.

Bij driekwart van de patiënten met eierstokkanker was niet volledig bekend in welk stadium hun ziekte zich bevond, of zij hadden geen chemotherapie gekregen na onvolledige ’stadiëring’.