412319
Nieuws

Oudere werkzoekenden zijn te duur

De hoge werkloosheid onder ouderen in ons land wordt vooral wordt veroorzaakt door te hoge loonkosten ( loon plus werkgeverslasten). Veel werkgevers vinden ouderen te duur; ze bieden te weinig productiviteit in verhouding tot de hoge kosten. Hier ligt een taak van overheid en de sociale partners ligt om deze kosten omlaag te brengen. Daarnaast moeten werkgevers veel meer gaan investeren in hun personeel, zowel in jong als oud.

Uit de deze week verschenen cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat de langdurige werkloosheid het eerste kwartaal van dit jaar aanzienlijk is gedaald. Het aantal mensen dat langer dan een jaar zonder werk zit, daalde in een jaar tijd met 60.000 personen. De cijfers laten zien dat vooral jongeren profiteren van de aantrekkende arbeidsmarkt en dat het veelal gaat om flexcontracten of werk dat door zzp’ers wordt verricht. Ze maken ook duidelijk dat 45-plussers nog steeds moeilijk aan werk kunnen komen. Het percentage langdurig werklozen in deze groep ligt nu rond de 60 procent en gezien ook de trend van digitalisering en automatisering is een daling niet aannemelijk.

De verwachting is eerder dat de langdurige werkloosheid onder ouderen daardoor zal stijgen en dat een toenemend aantal ouderen in de bijstand terecht komt. Bovendien zien we dat ouderen die werkloos worden en volop solliciteren nauwelijks worden aangenomen. Deze ontwikkeling had politiek Den Haag niet voor ogen toen verschillende kabinetten kozen voor een overheidsbeleid dat gericht werd op het langer doorwerken van ouderen. VUT-regelingen werden afgebouwd, de AOW-leeftijd verhoogd en de AOW-toeslag voor partners verviel. Deze prikkels hebben er toe bijgedragen dat de gemiddeld pensioenleeftijd de afgelopen tien jaar aanzienlijk is gestegen; van 61 jaar na nu rond de 64 jaar.

Maatregelen voor oudere werkzoekenden

De afgelopen jaren zijn er verschillende onderzoeken uitgevoerd naar de redenen waarom veel ouderen werklozen bij een sollicitatie slechts een kleine kans hebben om te worden aangenomen. Daaruit blijkt dat vooroordelen rond oudere weknemers, zoals vaker ziek, minder efficiënt, minder flexibel en onvoldoende geschoold voor de razendsnelle veranderingen op de arbeidsmark een zekere rol spelen, maar niet doorslaggevend zijn. Bovendien zijn deze hardnekkige voordelen al lang weerlegd door de echte feiten waarmee ze naar de prullenbak worden verwezen. Maar in de praktijk heeft deze weerlegging nog niet geleid tot een verbetering van de arbeidsmarktpositie van ouderen.

Rutte 2 heeft met verschillende maatregelen geprobeerd om de kans op een werkkring voor deze ouderen te vergroten, zoals met speciale (her)scholingsprogramma’s, premiekortingen voor werkgevers en andere subsidieregelingen. Op zich nuttige pogingen, zoals recent ook de aankondiging van uitzendbureaus om bij een zoekopdracht altijd een 50-plus kandidaat aan de werkgever aan te bieden. Het afgelopen jaar heeft slechts 36 procent van de werkgevers een 50- plusser aangenomen. Door de actie van deze bureaus zal de kans dat een werkloze 50-plusser wordt uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek iets stijgen.

Ouderen zijn te duur

Maar al deze maatregelen bieden geen oplossing voor het echte probleem waardoor ouderen minder gewild zijn op de arbeidsmarkt. Ouderen zijn te duur. De hoge loonkosten die werkgevers voor oudere werknemers moeten maken, spelen een hoofdrol bij de keuze tussen kandidaten bij een sollicitatieprocedure. De kans dat een sollicitant wordt aangenomen wordt volgens het onderzoeksbureau SEO vooral bepaald door de verhouding tussen productiviteit en kosten. Ouderen bieden in de ogen van veel werkgevers te weinig extra voor de gemiddeld hogere kosten.

In het Nederlandse loonstelsel worden loonschalen gehanteerd waarbij de lonen en kosten voor de werkgever gedurende een bepaalde periode stijgen met de leeftijd. Dat kan er toe leiden dat jongere sollicitanten die op een bepaalde functie solliciteren en dezelfde prestaties kunnen leveren als ouderen, voor werkgevers een aanzienlijk kostenvoordeel opleveren. Volgens het SEO-onderzoek, dat eind april 2016 onder de titel “Werkende perspectieven voor oudere werknemers” werd gepubliceerd, spelen andere factoren, zoals de eerder genoemde vooroordelen over ouderen, niet of nauwelijks een rol.

Meer kans op een baan met lagere loonkosten

Om ouderen meer kansen op de arbeidsmarkt te geven, pleit SEO ervoor om het loon en de pensioenkosten minder te laten stijgen met de leeftijd. Dit pleidooi werd eerder al gehouden door het Centraal Planbureau (CPB). Volgens het CPB kunnen de kansen voor ouderen op een baan worden verbeterd door het salaris minder afhankelijk te maken van leeftijd en ook door de leeftijdsafhankelijke voordeeltjes in de cao’s terug te dringen. In andere landen ligt de langdurige werkloosheid onder ouderen veel lager dan in Nederland. In deze landen zijn de loonkosten minder leeftijdsafhankelijk dan in ons land.

In het rapport van SEO wordt terecht benadrukt dat in het arbeidsmarktbeleid veel meer moet worden gekeken naar wat ouderen kunnen in plaats van wat zij niet (meer) kunnen. Volgens de onderzoekers zou een proefplaatsing waarbij een oudere werkloze bij een werkgever wordt geplaatst daarbij kunnen helpen. De werkgever krijgt dan een beter beeld van de arbeidsproductiviteit. Op basis van slechte ervaringen uit het verleden met dit type maatregelen zijn wij daarvan geen voorstander. We moeten kiezen voor een oplossing die structureel en effectief is. Overheid, werkgevers en werknemers weten dat het kernprobleem bij de hoge loonkosten ligt en daar kunnen ze zelf alles aan doen. Maar in de praktijk zien we dat vakbonden moeite hebben om dit te erkennen.

Meer investeren in personeel

Ook werkgevers hebben een verantwoordelijke rol. Ze moeten zelf veel meer investeren in hun personeelsbestand. Er is een cultuuromslag nodig naar leeftijdsbewust personeelsbeleid en arbobeleid waarbij de nadruk ligt op de veranderende capaciteiten en behoeften van werknemers in iedere leeftijdsgroep. Praktijkvoorbeelden laten zien dat er dan binnen bedrijven een ideale mix kan ontstaan van jong en oud die samen zorg dragen voor een evenwichtige verhouding tussen productiviteit en kosten. Ook een nieuw flexibel pensioenstelsel met een ruime keuzemogelijkheid tussen 60 en 70 jaar en de mogelijkheid van deeltijdpensioen kan bijdragen aan het terugdringen van de ouderen werkloosheid.