Nieuws/Binnenland
414163
Binnenland

Nederland wist van Parijs-connectie terreurbroers

DEN HAAG - Nederland wist voor de aanslagen in Brussel al dat Ibrahim El Bakraoui, die eerder via Schiphol ons land binnenkwam, in verband werd gebracht met de aanslagen in Parijs.

Dat blijkt uit een serie antwoorden die minister Van der Steur (Veiligheid en Justitie) naar de Kamer heeft gestuurd. Hij moet donderdag in een debat uitleg geven over de aanslagen in Brussel en de Nederlandse rol daarin. Het belooft, na een reeks eerdere fouten, een erg lastig debat voor hem te worden.

Uit de beantwoording van de minister blijkt dat een kleine week voor de aanslagen met België is overlegd over de broers El Bakraoui, de latere Brusselse zelfmoordterroristen. Dit overleg vond plaats naar aanleiding van informatie van de New Yorkse politie. Toen werd aangegeven dat de broers waren geradicaliseerd en in verband werden gebracht met Saleh Abdeslam, de man die wordt verdacht van betrokkenheid bij de Parijse aanslagen.

Wat Nederland met die alarmerende informatie heeft gedaan, is onduidelijk. Dit terwijl Den Haag op dat moment wist dat Ibrahim El Bakraoui via Schiphol was gereisd, daarna onvindbaar bleek en dus misschien nog in Nederland was. Een kleine week later bliezen de broers zich op in Brussel. Den Haag heeft in elk geval geen opsporingsbevel uitgedaan, en volgens de minister kon dat ook niet.

Van der Steur blijft er bij dat Nederland aanvankelijk geen aanleiding had om El Bakraoui op Schiphol aan te houden. Destijds stond hij nog niet zichtbaar gesignaleerd.

De minister erkent wel dat er „ruimere communicatie” nodig is bij de bestrijding van terrorisme. In de uitwisseling van informatie had er alerter, assertiever en meer proactief gewerkt kunnen worden, volgens de bewindsman. Nederland wil zich er als EU-voorzitter voor inzetten dat dit ook echt gebeurt.