42017
Binnenland

CDA mikt op het fatsoen

— Na vier jaar oppositie is het CDA van Sybrand Buma volgens peilingen nog steeds middelgroot. Het tegengeluid heeft de christendemocraten nog niet de brede gunst van de kiezer gebracht. Buma’s bondgenoten houden er toch serieus rekening mee dat het CDA op 15 maart als eerste eindigt. De tijd van Fortuyn biedt hun hoop, toen de kalme Balkenende pardoes premier werd.

CDA-fractievoorzitter Sybrand Buma

CDA-fractievoorzitter Sybrand Buma

CDA-fractievoorzitter Sybrand Buma

CDA-fractievoorzitter Sybrand Buma

De benen op tafel, met een biertje en een wijntje erbij. Eens in de drie maanden ontvangt CDA-leider Buma de nieuwe generatie CDA-bestuurders om te horen wat er in het land speelt. Jarenlang waren senioren als Piet Hein Donner, Ernst Hirsch Ballin, Hans Hillen en Maria van der Hoeven de smoel van de partij.

Onder Buma zijn er andere christendemocraten gekomen die het hart van de partij kleuren. De Rotterdamse wethouder Hugo de Jonge bijvoorbeeld. Of de Overijsselse gedeputeerde Eddy van Hijum, voormalig Kamerlid. Ook landelijk minder bekende CDA-leiders maken bij die gelegenheden hun opwachting. Op basis van hun inbreng en die van prominente fractiegenoten als Pieter Heerma, Mona Keijzer en Pieter Omtzigt zet het team van Sybrand Buma de koers uit.

Buma kon alle hulp gebruiken, want oppositievoeren is voor het CDA opnieuw een beproeving gebleken. De opleving in de peilingen van vorig jaar blijkt tijdelijk. Buma’s aanvankelijke pleidooi voor meer lastenverlichting, is met de vijf miljard euro die vorig haar door de coalitie werd uitgestrooid, als wapen uit handen geslagen.

Onder Paars noemden CDA’ers hun oppositierol een tocht door de woestijn. Zo erg is het de afgelopen vier jaar niet geweest, zegt de Limburgse gedeputeerde Ger Koopmans. „De akker voor het CDA ligt er vruchtbaar bij”, vindt hij. Onder Ruttes VVD is ’de staat’ een rommeltje geworden. „Het COA, de IND, de marechaussee, het leger, het OM; overal zijn problemen. Dat maakt mensen onzeker.” Jurist Buma, vroeger werkzaam bij de Raad van State, is volgens hem bij uitstek geschikt om straks orde op zaken te gaan stellen.

Pruilende peuter

Het is een verdedigingslinie die breed in de partij wordt geuit: de VVD heeft er onder Rutte een potje van gemaakt. Dat Buma door de liberaal met een pruilende peuter werd vergeleken sterkte hem alleen maar in de gedachte dat het roer om moet. Volgens de CDA-leider begint aan Rutte ’de arrogantie van de macht te kleven’.

Een zittend premier onttronen is evenwel geen koud kunstje, zeker als een flink deel van het rechtse electoraat nog niet op hem is uitgekeken. De christendemocraten hopen daarom de verweesde kiezer voor zich te winnen, die teleurgesteld is in de politieke stijl van Rutte. Puinhopen (zoals bij Paars) zullen ze de talrijke hervormingen niet durven noemen, maar het feit dat kiezers teleurgesteld zijn in de beloftes die de VVD’er deed, de uitruil met de PvdA van principes of de manier waarop hij omging met de nee-stem van het Oekraïne-referendum hebben veel kwaad bloed gezet onder kiezers, denken ze bij het CDA.

Als straks het wapengekletter tussen de virtuele koplopers Wilders en Rutte klinkt, hopen ze bij het CDA op een scenario als in 2002 met de LPF. Kiezers bleken toen uitgekeken op Paars, maar veel vonden ook nieuwkomer Pim Fortuyn een waagstuk. Het maakte de onbekende, kalme Jan-Peter Balkenende een veilige vluchtheuvel voor veel kiezers.

Die geschiedenis kan zich met Buma herhalen, dromen christendemocraten. „Het lijkt wel of het allemaal steeds schreeuweriger en lomper moet”, signaleert wethouder Hugo de Jonge. „Het CDA is met Buma een veilige haven voor veel mensen die genoeg hebben van het geroeptoeter van veel andere partijen.”

Bij opiniepeilingen staat Buma bepaald niet te boek als stemmenkanon en maakt hij zelfs een ietwat saaie indruk. Bondgenoten zien in Buma’s ’saaie’ uitstraling juist een grote kracht. „Sybrand ís degelijkheid. Dat kun je ook niet veranderen”, zegt Koopmans.

Saaiheid, waarden en degelijkheid. Het zijn elementen waar het CDA inderdaad onder Balkenende mee scoorde. Successen uit het verleden bieden echter geen garanties voor de toekomst, ook niet in de politiek. De nasleep van het Oekraïne-referendum liet bijvoorbeeld zien dat kalmte als sneeuw voor de zon kan verdwijnen, op het moment dat CDA-senatoren zich meer thuis voelen bij Ruttes Europese compromis dan bij de afwijzing ervan die Buma bepleitte.

De kwestie ligt nog steeds gevoelig, blijkt uit de reactie van senator Wopke Hoekstra, tevens auteur van het verkiezingsprogramma. „We hebben heel expliciet afgesproken er niets over te zeggen.”

Rond Buma doet men zijn best om rust te blijven uitstralen. CDA’ers zien tijd als de grote bondgenoot. Met het verdeelde politieke landschap en de weerzin van partijen om met de PVV van Wilders in zee te gaan, is de kans op een coalitie met vier of misschien wel vijf partijen groot. Hoe meer partijen, hoe groter de kans op instabiliteit. En dat zou betekenen dat het volgende kabinet er maar kort zal zitten.

Sommigen geloven zelfs dat de komende verkiezingen van Buma al de volgende premier van Nederland maken. „Het CDA kan straks wel eens als de grootste uit de bus komen”, denkt De Jonge. Senator Hoekstra: „Buma is premierskandidaat: geloofwaardig, solide en betrouwbaar.” Nu nog afwachten of de geschiedenis rond de tijd van Fortuyn zich zal herhalen.